Verzet Urker vissers tegen beperking IJsselmeervisserij

Urk

Het ministerie van Economische Zaken heeft al te gemakkelijk grote beperkingen opgelegd aan de IJsselmeervisserij. Dat vindt de Urker familie Kaptein. De familie vist met meerdere schepen op het IJsselmeer. Maar de beperkingen die het ministerie nu heeft opgelegd, bedreigen het voortbestaan van hun bedrijf.

De Utrechtse rechtbank tikte het ministerie vorig jaar op de vingers in de rechtszaak die de familie had aangespannen. Dat was weer tegen het zere been van het ministerie, dat ook een vergelijkbare zaak verloor van een IJsselmeervisser uit Katwoude bij Volendam. Daarom ging het ministerie donderdag in hoger beroep bij de Raad van State. Volgens het ministerie moet de visserij in het IJsselmeer met zogeheten staande netten sterk worden beperkt, omdat daarmee het voortbestaan van schubvissen zoals brasem en baars ernstig wordt bedreigd. “De schubvis in het IJsselmeer is langzamerhand op”, vertelde een woordvoerder van het ministerie. Het gebruik van staande netten is met 85 procent gereduceerd om de visstand te laten herstellen. Maar het ministerie vergat dat de Urker vissers en de visser uit Katwoude de staande netten ook gebruiken om wolhandkrab te vangen. En wolhandkrab mag van het ministerie gewoon worden gevangen. Dat is volgens een woordvoerder zelfs wenselijk. De Utrechtse rechtbank vond dat het ministerie slecht huiswerk had geleverd. Daarom kreeg het ministerie de opdracht om de belangen van de vissers in kaart te brengen, omdat ze door de beperking in het gebruik van staande netten zwaar gedupeerd worden. In de zaak van de visser uit Katwoude heeft het ministerie intussen beslist dat hij geen financiële compensatie krijgt voor het gereduceerde gebruik van staande netten. Ditzelfde antwoord dreigt ook de familie Kaptein te krijgen. Wel werkt het ministerie nu met de vissers aan een proef om de visserij op wolhandkrabben voort te zetten zonder bijvangst van schubvis. De Raad van State gaat nu beoordelen of het ministerie de vissers wel voldoende financieel tegemoet is gekomen. De uitspraak volgt over zes weken.

Auteur

redactie