Agrarische Poldersamenwerking voor meer rendement

Nagele

Hoe verloopt de samenwerking tussen een aardappelteler, een teeltadviseur en een handelshuis? Aardappelteler Niels Poppe, Profytodsd-adviseur Egbert Ballast en Rutger de Boer van Veredelingsbedrijf C Meijer uit Emmeloord vertellen.

Tekst & foto Alexander Drost De aardappeloogst is net binnen. Nu is het tijd om de aardappels te drogen in de schuur. Langzamerhand wordt de temperatuur verlaagd. De aardappels beschadigen altijd een beetje door het rooien en krijgen nu de kans om te genezen. Daarna is het eventjes rustig en in november wordt begonnen met sorteren. Het deel dat handelshuis Meijer verhandelt gaat de koeling in, tot het moment van uitlevering, het andere deel wordt bewaard en behandeld met het oog op volgend jaar.

Heren, vertel. Wat betekenen jullie precies voor elkaar?

Niels Poppe: We telen hier grotendeels rassen voor Meijer. Egbert is onze teeltadviseur namens Profytodsd en Rutger is er voor ons namens het handelshuis. Egbert Ballast: Ik doe hier de teeltbegeleiding. Ik kom hier in het seizoen wekelijks. Het seizoen loopt van maart tot en met september. In het naseizoen raken de kavels leeg en dan passen we de frequentie aan. Straks, in het bewaarseizoen, ben ik hier elke twee weken. In het bewaartraject zit je met Talent. Je moet de doseringen steeds bij gaan stellen, naar beneden toe. We willen altijd zo snel mogelijk de doseringen afbouwen om kostenbewaring en de aardappel niet te veel te plagen met de middelen. Dus in principe hebben we iedere twee weken contact en indien nodig tussendoor ook nog. Rutger de Boer: De teler heeft z’n aardappels en die betrekt hij in dezen bij Meijer. Wij hebben een rassenpakket met in ons geval alleen monopolierassen: rassen die alleen Meijer mag verhandelen. Uit het brede rassenpakket heeft Niels Poppe in dit geval een aantal rassen dat binnen zijn bedrijfsvoering past. Je gaat met de teler(s) in gesprek. Met een hele groep telers zorgen wij ervoor dat we de juiste hoeveelheid aardappels beschikbaar krijgen voor onze klanten. Wij maken een overzicht van wat wij nodig hebben, ieder seizoen weer, en vanuit de voorcalculatie kun je stellen hoeveel hectare er nodig is. Dit leg je vervolgens weg bij je telers.

Hoe verloopt die samenwerking?

Niels Poppe: De samenwerking met Meijer verloopt prima. We hebben regelmatig contact, heel veel in het groeiseizoen. Je probeert een gewas zo optimaal mogelijk te telen. Je let op gewasbeschermingsmiddelen, bemesting, onkruidbestrijding in het voorjaar, wat doe je wel en wat vooral niet. Talent speelt daar ook een rol en. En dan komt Profytodsd kijken. Egbert Ballast: Het gaat in overleg. Niels heeft een keuze gemaakt over welke rassen er geteeld gaan worden. Dat is dan weer in overleg gegaan met het handelshuis. Welk ras kan er tegen Talent? Wij hebben in de loop der jaren heel veel ervaring opgedaan met Talent (hier komt een kort stukje over bij, AD). Die kennis ligt inmiddels bij ons, bij de handelshuizen en bij anderen. De Talent-app is een perfect hulpmiddel. Ik denk dat de meeste telers de app wel hebben. Niels Poppe: De app is een mooie richtlijn. Maar ik houd er ook van om ervaringen van andere telers te horen. Dat zit ook verwerkt in de app, maar als je nieuwe rassen hebt die nog niet zo vaak beproefd zijn, dan hoor ik het ook graag van het handelshuis en van andere telers. Egbert Ballast: Voorheen werkten we met lijsten. De app is daaruit voortgekomen.  Ik vind het zelf een handige leidraad. Je kunt even terugkijken. Hoe zat het ook al weer? Van de grote rassen weet je het wel. Als je een nieuw ras tegenkomt is het handig om even goed te kijken. Je krijgt een goed beeld met de informatie van het handelshuis, in combinatie met onze eigen kennis.

Rutger, jullie testen veel aardappelrassen. Vertel eens?

Rutger de Boer: Ieder jaar doen wij beproevingen. De praktijk vraagt wat en wij kijken of het nadelige of positieve effecten heeft voor het ras. De klant die onze aardappels afneemt gaat voor een goed kwaliteitsproduct. Wanneer een product toegepast wordt en er in de nateelt bij onze klant nadelige effecten ontstaan, dat moeten we absoluut niet hebben. Nadelige effecten moeten we te allen tijde tegen gaan. Ieder jaar hebben we nieuwe rassen, maar ook oude rassen waarvan we niet helemaal zeker weten hoe het gaat. We nemen elk jaar referentierassen, waarvan je weet dat ze over het algemeen positief reageren op diverse middelen. We hebben een proefveld met daarop veldjes van vijf vierkante meter per ras. Dat doen we op twee locaties. De gegevens zetten we op een rij. Eens per jaar komen de handelshuizen bij elkaar en dan bespreken we hoe de beproevingen zijn verlopen. Wat zijn de conclusies, aanbevelingen. Moeten we rekening houden met andere middelen? Wij proberen een ras drie jaar lang te volgen en daaruit trekken wij een conclusie.

Egbert, wat is de rol van Profystodsd in het bewaarproces?

Egbert Ballast: De bewaring van al die proeven gaat centraal. Dat loopt via ons. We zorgen dat er een deel in de Talent komt, ethyleen wordt ook meegenomen. Maar ook het draaien in kisten. Zo wordt het eerlijk; alle proeven krijgen dezelfde behandeling. De ene proef staat bij de een, de ander weer ergens anders. Dan loop je het risico dat er verschillen ontstaan. Als je ze op een centrale plek behandelt, dan weet je dat alle proeven onder dezelfde omstandigheden zijn behandeld. Dan kun je uit de nateelt de boel ook heel erg mooi vergelijken en zo een eerlijk mogelijk beeld te krijgen. Want het doel is natuurlijk gewoon dat we met z’n allen een zo goed mogelijk eindproduct krijgen. Maar ook dat je rendement wat groter wordt.

Iedereen heeft baat bij deze samenwerking…

Egbert Ballast: Ja, zeker. Meijer wil natuurlijk een heel gezond eindproduct, Niels wil de schuur zo vol mogelijk hebben – de kilo’s krijgt hij betaald, en wij willen natuurlijk rendement door Talent. We zijn met z’n allen bezig voor een zo hoog mogelijk rendement. Daar doen we het voor.

Auteur

Redactie