Kees van Boom 49 jaar bij GeesinkNorba

Emmeloord

Kees van Boom uit Emmeloord is na 49 jaar trouwe dienst bij GeesinkNorba op 29 december met pensioen gegaan.

Na de LTS De Schakel in Emmeloord stapte hij als 16-jarige bij het bedrijf binnen op de constructie-afdeling. ‘Ik ging toen eerst nog naar de avondschool en had nog een dag les voor mijn praktijkopleiding B-metaal.’ Met dat papiertje op zak mocht hij blijven en ging hij na een tijdje constructie naar de kwaliteitscontrole. Die periode onderbrak hij met het vervullen van de militaire dienstplicht, waarna hij terugkeerde bij het bedrijf en naar de servicedienst ging, eerst binnen en daarna buiten. ‘Prachtig werk’, blikt hij terug. ‘Vanaf 1979 had ik mijn vaste servicewagen en reisde ik vooral heel Nederland door voor reparaties aan vuilniswagens. Het was de tijd dat iedere gemeente nog zelf een vuilniswagen had. Nu is dat niet meer zo met grote bedrijven als HVC hier en Omrin in Friesland bijvoorbeeld. Ik was ook geregeld in België, Duitsland, Luxemburg en ook nog eens in Frankrijk. En niet te vergeten eens twee keer in Suriname; een keer een week en twee weken.’ ‘Jaren geleden bleef je dan ook wel overnachten, maar die uitstapjes zijn er niet meer. Nu zijn er meer servicemonteurs verspreid over het land. Maar eerst werd alles vanuit hier geregeld.’ Het werken in de servicedienst betekende veel overuren maken.’Daar zat dan veel rij- en filetijd bij.’ Een sociaal leven opbouwen was met de onregelmatige uren erg moeilijk. ‘Het was hard werken en ‘s avonds vaak laat thuis en als ik eens vroeger thuis was, had ik de energie niet om nog eens op pad te gaan.’ Maar nu ligt er na bijna 50 dienstjaren een zee aan vrije tijd te wachten op de 65-jarige. ‘Ik moet eerst de rotzooi in huis nog wat opruimen en ik ga met GeesinkNorba nog een 0-urencontract aan. Dan kan ik zelf bepalen hoeveel ik nog werk. Ik geniet echter wel van mijn vrije tijd, maar mis de contacten wel. Op het werk ontmoet je mensen en nu het winter is, is dat wat minder thuis, maar het zal zijn loop wel krijgen.’ Ik ben nooit een hobbymens geweest of het moet repareren zijn. Als hier iets stuk is, maak ik het zelf. Bij zijn afscheid werd een oude DAF van stal gehaald uit het museum van GeesinkNorba om hem naar zijn afscheidsfeest te rijden. ‘Toen ik begon reed iedere gemeente met DAF. Die waren goed hoor, maar slechte trucks zijn er nu niet meer.’ Cees Walinga

Auteur

redactie