'Respect voor vervolgde christenen'

Emmeloord

De Emmeloorder predikanten Paul Voorberg, Arco Haak en Freek van Otterloo bezochten onlangs vervolgde christenen op een studiereis van Open Doors door Maleisië en Bangladesh.

In de studeerkamer van Voorberg blikt het drietal terug op de reis die enorm veel indruk maakte. Haak, predikant van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt, werd door zijn vrouw gewezen op de reizen van Open Doors. ‘Het leek me een heel avontuur om te kijken bij christenen in islamlanden die het moeilijk hebben.’ Hij wees zijn collega Voorberg op de reis, die enthousiast reageerde, waarop de twee naar een informatiebijeenkomst van Open Doors in Ermelo gingen. Daar troffen ze ook collega Van Otterloo aan, die voorganger is in de volle evangelie gemeente ‘Levend Water’ in Emmeloord. De reis kreeg een nog groter poldertintje toen Sven Leeuwestein uit Elburg, geboren en getogen in Emmeloord en relatiemanager en spreker bij Open Doors, zich voorstelde als groepsleider van acht reisgenoten. In februari stapten ze op het vliegtuig. De motivatie voor Van Otterloo om te gaan was ‘de verdieping, het geeft een andere kijk op de kerk wereldwijd. Je ziet andere vormen, maar met dezelfde inhoud.’ Voor hem was het ook niet de eerste keer. Hij bezocht eerder al de koptische christenen in Egypte op een studiereis van Open Doors. De drie hebben op hun reis enorm veel respect gekregen voor de vervolgde christenen tussen de overwegend islamieten. ‘Dan hebben wij het hier toch wel gemakkelijk als christen’, stelt Haak. Voorberg: ‘In Nederland word je gemakkelijk een luie christen, maar toch willen de mensen daar niet graag met ons ruilen’. ‘We zijn bij ondergrondse kerken geweest, zogenaamde huiskerken, waar bekeerde moslims onderdak vinden. De grondwet in Maleisië staat niet toe dat een moslim christen wordt’, vertelt Van Otterloo. ‘Ze lopen enorme risico’s. Het is strafbaar. Mensen die betrapt worden, worden naar heropvoedingstehuizen gestuurd. Kinderen van christelijke ouders worden vaak naar ‘thuisscholen’ gestuurd.’ Overigens moet er een onderscheid gemaakt worden tussen bestaande kerken en bekeerlingen. Nieuwe kerken mogen er niet komen. Dat verklaart de groei van huisgemeenten. Wie tot geloof komt, sluit zich daarbij aan. In Bangladesh is de grondwet niet zo stellig en is er op papier godsdienstvrijheid, maar schuilt het gevaar voor bekeerde islamieten vooral in familiedruk. De predikanten horen verhalen over verkrachtingen en overvallen op christenen. ‘Het is schrijnend; praktiserende moslims zullen niet toestaan dat iemand christen wordt, zo iemand is een verrader. We hebben daarom heel veel respect voor de christenen in deze gebieden die alles voor hun geloof over hebben.’ De ervaringen die de drie in het Verre Oosten hebben meegemaakt, zullen ze zeker delen met hun gemeenteleden in pastoraat, preken en catechisatie. ’Ik zal nu iedere zondag aandacht schenken aan de lijdende kerk en dat ook benoemen’, zegt Van Otterloo. Haak: ‘Ik heb er al over gepreekt. De blijdschap in het geloof is juist bij de onderdrukte christenen zo bijzonder. Die blijdschap moeten we hier ook niet vergeten, de liefde voor Christus vasthouden en doorgeven.’ Wat Voorberg vooral opviel is de spontaniteit van de christenen, die geen vrijheid van meningsuiting hebben. ‘Ze praten zo gemakkelijk over het geloof.’ Op de reis die een week duurde bezochten ze onder meer een conferentie, hielpen bij het onderwijzen van predikanten en bezochten een kinderhuis. De kennismaking blijft wat Haak en Voorberg betreft niet bij een keer. ‘We zullen zeker nog eens gaan’, waar Van Otterloo zich graag bij aansluit. Cees Walinga

Auteur

redactie