Leven in Denemarken: ‘Het is niet altijd makkelijk geweest’

Emmeloord

Het is al bijna 24 jaar geleden dat Simon de Sain en Lia de Sain-Hulsebosch emigreerden naar Denemarken. Van het Espelerpad naar Starup-Tofterup. Om er te gaan boeren.

Inmiddels zijn Simon en Lia opa en oma en komt overname van hun veebedrijf verder in zicht. Een monoloog van Lia over de levensbepalende keuze om te gaan emigreren naar Denemarken. Over zakelijk, privé en het idee dat de Denen steeds verder van boeren af komen te staan.

Noordoostpolder

'Wij woonden aan het Espelerpad naast het bedrijf waar Simon is opgegroeid. Daar zat hij met zijn oudere broer in een maatschap. Zijn broer Jan de Sain (inmiddels overleden) was de pachter en wij woonden naast de boerderij. Het bedrijf was echter te klein voor twee gezinnen in de toekomst en daarom werd er gekeken naar uitbreidingsmogelijkheden. Aangezien het op dat moment erg moeilijk was om in de buurt uit te breiden, zijn we gaan kijken naar andere mogelijkheden. Emigreren? Een andere buurman was met zijn gezin vertrokken naar Nieuw-Zeeland, maar dat vonden we wel héél ver weg. We zijn ons wat gaan oriënteren op andere landen. Vrienden van ons waren naar Denemarken vertrokken. Die zijn we toen gaan opzoeken en we werden enthousiast en zagen de mogelijkheden daar. Ook de hulp die jonge, opstartende boeren in 1993 konden krijgen sprak ons wel aan. De grondprijzen en de prijs van een boerderij waren aantrekkelijker dan in Nederland.

Zakelijk Denemarken

In Denemarken werd Simon zelfstandig boer. In de beginjaren hebben we diverse stagiaires gehad, die via landbouwscholen bij ons kwamen. Sommigen kwamen voor zes weken, anderen langer of korter. Een paar extra handen was handig, want er was werk genoeg. In Denemarken is alles afgeschermd. Hier heb je een metselaar, een timmerman, een elektricien, een smid, en wat onder de ene vakman hoort, doet de andere absoluut niet. Je hebt dus met meerdere personen te maken als je bijvoorbeeld een stal bouwt. Maar er was meer om rekening mee te houden, zoals scherpere Deense regels. Als je in de beginjaren een voerplan nodig had, werd dat gemaakt door een consulent van het landbouwcentrum. In Nederland werd dat gedaan door de voerleverancier. Toen wij hier in 1993 kwamen, hadden de mensen respect voor een boer. Ze waren ook blij dat je hier in de landbouw jouw steentje kwam bijdragen en jouw kennis wilde delen. Nu is dat anders. In het land krijgen de boeren steeds meer de schuld van milieuproblemen. Het lijkt alsof de mensen steeds verder van de boeren af komen te staan...

Leven in Denemarken

Het verder weg wonen van je familie en vrienden is niet altijd fijn. Je moet leren accepteren dat je niet meer zomaar bij alles aanwezig kunt zijn. Denk aan verjaardagen, feesten, ziektes in de familie. Dat is beslist niet altijd makkelijk geweest. Ook al is het eigenlijk niet zo ver (6-7 uur in de auto naar Tollebeek) als een emigratie kan zijn, toch kun je niet bij elke gelegenheid in de auto stappen. Je hebt een bedrijf, soms andere verplichtingen hier en je leven is ook hier. Zoveel als we konden, zijn we op bezoek geweest bij de zieke familieleden (ouders, broers die we uiteindelijk ook hebben moeten missen), maar dat is beslist heel lastig. Je zou een deel willen zijn in zo'n proces en je steentje willen bijdragen. Simon en ik komen beiden uit redelijk grote gezinnen (met respectievelijk negen en zeven kinderen) dus gelukkig waren er andere familieleden die in konden springen, maar dat neemt niet weg dat je er zélf ook een deel van wilt zijn.

Cultuur

Je gaat leren dat je nieuwe land andere gewoontes kent en een andere cultuur dan je gewend bent. Je moet daar dus ook voor open staan. Wij hebben ons vaak in iets nieuws gestort. Zo gingen we bijvoorbeeld in de ouderraad op school, waren we bestuurslid van het dorpsbelang, helpen we dingen te organiseren, zoals kindertheater, in het dorp. Als je je actief opstelt, word je een deel van het dorp. Dat wordt absoluut gewaardeerd. Sommige gewoontes of tradities hier in Denemarken zijn beter te snappen of te doen dan andere, maar wij hebben geprobeerd om zoveel mogelijk deel te nemen aan de Deense tradities. Veel dingen zijn nu ook ‘normaal’ voor ons, andere dingen hebben we nooit helemaal in ons systeem kunnen krijgen, maar ook dat is geen probleem. Over het algemeen hebben we ons wel aardig aangepast. Ook al worden we nog wel steeds ‘De Hollanders’ genoemd, samen met twee andere Hollandse gezinnen die in ons kleine dorp wonen. Maar we voelen ons absoluut een deel van de gemeenschap hier. Inmiddels heeft er uitbreiding plaatsgevonden binnen familie De Sain. Lia en Simon kregen zelf drie kinderen: Wouter en de tweeling Marloes en Maarten. Marloes en Maarten hebben inmiddels zelf kinderen gekregen, waardoor het echtpaar De Sain zich met trots opa en oma mag noemen. (Overgroot)oma woont nog altijd in Tollebeek en is maandag 94 jaar oud geworden. Reden voor een feestelijk bezoek dus. De kinderen voelen zich volledig Deens en wonen op zichzelf. Wouter en Maarten wonen in Starup-Tofterup, terwijl dochter Marloes in Kopenhagen woont. Dat is tweeënhalf uur rijden vanaf Starup -Tofterup. Niemand heeft de gedachte of wens om definitief terug te keren naar Nederland.' Samengesteld door Alexander Drost

Auteur

admin