Ten Brinke onderzoekt opkomstproblemen pootaardappelen

Emmeloord

Ten Brinke b.v. uit Creil doet in haar vernieuwde laboratorium naast gewas- en grondonderzoek ook vitaliteitsonderzoek in aardappelen.

Er worden meer opkomstproblemen gesignaleerd in de nateelt van pootaardappelen. van meerdere rassen, waarbij enkele rassen opvallen. ‘Dat heeft ons ook bereikt en we zien het zelfs ook in het veld’, vertellen Jan Hartveld en Ton van de Meeberg van Ten Brinke. Er zijn partijen die onregelmatig opkomen, of in sommige gevallen helemaal niet opkomen. ‘De problemen zijn klein, maar er wordt wel over gesproken.’

Onderzoek

Ten Brinke b.v. is in een eerder stadium in gesprek gegaan met aardappelhandelshuizen. Ook de grotere handelshuizen doen onderzoek naar dit vraagstuk. Er wordt gezocht naar een oorzaak en er wordt gekeken naar hoe deze problemen in de toekomst voorkomen kunnen worden. Hartveld: ‘Het kan een aantal jaren duren voordat er daadwerkelijk iets uit het onderzoek komt. Wij zijn zelf met een onderzoek gestart, daar waar wij denken dat de aanknopingspunten kunnen liggen.’

De problemen zitten ‘m niet in de Restrain ethyleenbehandeling. ‘Tot nu toe hebben we drie rassen uitgezocht. Wij begeleiden landelijk de Restrain ethyleenbehandeling. In de Restrain ethyleen staat pootgoed voor 10-15% van het Nederlandse areaal. Ook wij krijgen dan te maken met problemen als een onregelmatige en slechte opkomst. Wij zijn ervan overtuigd dat het niet aan de ethyleen ligt’, zegt Hartveld. ‘Maar dan moet je kunnen bewijzen waar het wél aan ligt.

Wij zoeken de oorzaak meer in de verandering van teeltmaatregelen welke de laatste jaren zijn doorgevoerd. Er wordt op een andere wijze pootaardappelen geteeld en bewaard dan tien jaar geleden. De pootaardappelen werden tien jaar geleden midden in de groei doodgemaakt. Nu laten we ze totaal uitgroeien. Dit resulteert in een andere kwaliteit pootgoed’.

Zetmeel en suiker

Ten Brinke b.v. doet op dit moment onderzoek naar drie rassen waaruit in totaal vijftien verschillende partijen worden onderzocht. De herkomst van de partijen ligt verspreid over Nederland. Er wordt onderzoek gedaan naar het zetmeel- en suikergehalte. De daadwerkelijke oorzaak om de opkomst problemen aan te tonen ligt in de toekomst. ‘We kijken heel duidelijk naar de monsters van de knollen. Die meten we op zetmeel- en suikergehalte’, zegt Van de Meeberg. ‘We pakken de extremen eruit. We denken dat daaruit een voorspelling mogelijk is. Hoe kan zo’n partij gaan reageren op een extra bewerking? Is het verstandig om de knollen wel of niet te behandelen , of misschien moeten we adviseren om zo’n partij niet te planten.’

Ten Brinke b.v. wil uiteindelijk een tool ontwikkelen om de vitaliteit van een partij pootaardappelen te kunnen bepalen. Een flink karwei, want ieder ras is weer anders. Maar in grote lijnen kan een tool handig zijn om bijvoorbeeld te weten op welk tijdstip de waardes gemeten moeten worden om de verhoudingen te bekijken. ‘Daar proberen we een gereedschapssetje voor te ontwikkelen’, zegt Jan Hartveld.

Alexander Drost


Auteur

Redacteur