Makers Boerderijenboek houden vaart erin

Tollebeek

 De makers van de elf Boerderijenboeken over de polderdorpen vorderen enorm met de productie. Dik 1800 verhalen worden opgeschreven. Marianne Buijsse-van Tilburg (Coördinator Tollebeek) en Albert Appeldoorn (Portefeuillehouder Fotografie) vertellen over het indrukwekkende proces van de totstandkoming.

Begin over een boerderij en er volgen minstens drie verhalen. Het enthousiasme bij Marianne en Albert is enorm. Aan de fraaie keukentafel in de evenzo mooie keuken bij Marianne in Tollebeek vertellen de twee letterlijk honderduit over de boeken en alle verhalen die ze iedere week weer aan mogen horen. Er worden in totaal 1825 verhalen opgehaald. De makers zijn al ruim over de helft van de productie en naderen met rasse schreden de eindstreep. Eind volgend jaar komen de boeken uit.

Vaart

‘Vol enthousiasme ben ik hieraan begonnen en nog steeds mee bezig’, vertelt Marianne. ‘Als coördinator moet je alle eindjes aan elkaar verbinden. De mail houd ik iedere dag in de gaten, ik heb met alle betrokkenen te maken. Er gaan veel uurtjes in zitten, maar zo voelt het niet’, glimlacht ze. ‘Ja, gemiddeld drie avonden in de week’, vult Albert aan, die een sturende rol heeft en ook nog eens in het overkoepelende bestuur plaatsneemt. ‘Het is bijvoorbeeld zaak om te zorgen voor uniformiteit. Zo moet de foto worden, vanuit een bepaalde hoek’, wijst hij. ‘Het is de bedoeling het originele huis vanaf de weg te fotograferen, zodat iemand straks met het boek in de hand direct kan zien dat het de juiste boerderij is.’ Bij het immense proces zijn veel vrijwilligers betrokken. Er wordt gigantisch hard gewerkt. ‘Het blijft vrijwilligerswerk’, zegt Marianne. ‘Maar er komen echt talenten bovendrijven. Zó goed is het werk soms.’ Dat is met fotografen hetzelfde, weet Albert. ‘Soms heeft iemand een steuntje in de rug nodig, maar dan maken ze vervolgens hartstikke mooie foto’s.’ Voor de Tollebeker editie van het boek moeten er nog zo’n veertig verhalen worden geschreven. ‘Er zitten heel wat verhalen in de pen’, vertelt Marianne. ‘We zitten geregeld bij elkaar om de vaart erin te houden. Er komen dan heel veel verhalen los, dat houdt het enthousiasme erin. Het loopt goed.’

Eerste bruidspaar

Wat is nu de reden dat de twee bij de realisatie van de boeken betrokken zijn geraakt? Beiden hebben eigen, mooie drijfveren. Voor Marianne Buijsse-van Tilburg lag het eigenlijk voor de hand. ‘Ik zit dicht bij het vuur; ik zit bij Dorpsbelang Tollebeek’, blikt ze terug. Direct komt er een verhaal naar boven. Dat zullen de meeste makers herkennen: ‘Ik ben een dochter van polderpioniers, mijn opa en oma waren bijvoorbeeld het eerste bruidspaar hier in de polder.’ ‘De geschiedenis heb ik altijd heel mooi gevonden, daar wilde ik meer van weten en horen. Een leuk bijeffect is dat, ik woon hier nu (weer) vijf jaar, ik het dorp zo goed leer kennen. Ik weet precies wie familie van wie is. Het is handig om te weten hoe de verbindingen in elkaar steken en wie wat voor het dorp heeft betekend. Het levert leuke verhalen uit een hele andere tijd op. Ik vind het zelf belangrijk dat deze verhalen opgeschreven worden. Mijn moeder zei vorige week nog dat ik Geschiedenis had moeten gaan studeren. Misschien wel, ja… Ik word blij van al die verhalen. Soms zou ik wel een kijkje willen op een dag, vijftig jaar geleden. Ik had opa’s en oma’s die vrij vroeg overleden zijn. Ik heb eigenlijk te weinig kunnen vragen. Zonde, daar had ik veel meer van willen horen. Ik hoor verhalen over mijn opa, die mijn vader geeneens weet. En dat is heel erg leuk.’

Fotoclub

Albert Appeldoorn is lid van de fotoclub in de Noordoostpolder. ‘De voorzitter heeft hier en daar connecties en had gehoord dat het Boerderijenboek eraan zat te komen.’ Al snel wist hij genoeg. Aan dat project wilde hij graag meewerken. ‘Ik fotografeerde natuurlijk zelf al veel in de omgeving. Nu gaan de details nog meer opvallen. Boerderijen lijken op het eerste gezicht allemaal hetzelfde. Maar zoek de verschillen… als je wat beter gaat kijken zie je echt hele grote verschillen. De boerderijen zijn al wat ouder. Elke bewoner heeft eigen, individuele inbreng gehad. Je ziet aan de boerderijen hoe de personen zijn of waren. Denk aan tuinen, of een uitbouw. In de basis zijn de boerderijen hetzelfde, maar in de aankleding niet. En de oude foto’s die nu boven water komen, dat vind ik heel erg leuk. Daar zitten enorm veel verhalen in.’ Nog een paar maanden noeste arbeid en dan kunnen de verhalen straks naar de drukker. ‘Het is gigantisch wat er met deze boeken allemaal gebeurt in de polder’, zegt Marianne tot besluit. ‘We zijn goed op dreef.’ Alexander Drost

Auteur

Redactie