‘Receptenboek’ aan maatregelen voor de roerdomp

Wieden

Natuurmonumenten en Vogelbescherming Nederland maken een gebied bij het Zuideindigerwijde aantrekkelijker voor de roerdomp. Aannemer Oosterhuis uit Nijeveen voert vier weken lang werkzaamheden uit. “Best kans dat de eerste roerdompen zich in het voorjaar al melden”, zegt Bernd de Bruijn van Vogelbescherming Nederland.

Dat zegt hij met ervaringen elders in het achterhoofd. Vogelbescherming Nederland werkt al jarenlang aan het verbeteren van de omstandigheden voor roerdompen. Met succes, zegt De Bruijn. “De aantallen roerdompen holden schrikbarend achteruit, maar de laatste jaren zien we weer een stijgende lijn. Onder meer in de Flevopolders hebben we ook gebieden ingericht en daar zagen we heel snel moerasvogels. Heel gaaf om te zien”, aldus De Bruijn. Zijn organisatie klopte ook bij Natuurmonumenten in De Wieden aan. “Dat is een van de belangrijkste moerasgebieden van Nederland en dus ideaal voor de roerdomp”, vertelt De Bruijn. Natuurmonumenten kwam vervolgens met een locatie langs het Zuideindigerwijde bij Wanneperveen, waarna samen met Vogelbescherming Nederland maatregelen werden voorbereid. “Door onze eerdere ervaringen hebben we een soort receptenboek: wij weten heel goed welke maatregelen nodig zijn voor de komst van de roerdomp”, zegt De Bruijn. Moerasvogels De roerdomp heeft nat moeras nodig, waarbij het maaiveld van overjarig riet enkele tientallen centimeters onder de waterspiegel moet liggen. Bovendien zijn in de buurt sloten en greppels nodig waarin de vogels kunnen foerageren. Dat is precies het werk wat Oosterhuis momenteel uitvoert. Een van de twee kraanmachinisten is de ervaren Herman de Jong, die zo ongeveer al een heel werkzaam leven in De Wieden actief is. “Prachtig werk”, zegt hij. “De meeste kraanmachinisten houden van rechte lijnen, maar in de natuur is niks recht. Dat vind ik juist een uitdaging.” De Jong trekt ’s ochtends om 07.00 uur diep De Wieden in om er aan het eind van de middag weer uit te komen. “Als je de broodtrommel vergeet, heb je een probleem ja…”, glimlacht hij, waarna hij met zijn machine weer op de kraggen manoeuvreert. Vandaag is het ook nog relatief druk in het gebied. Aannemer Smit werkt toevallig in percelen overjarig riet. Die worden een keer per twee of drie jaar gemaaid. Arco Lassche van Natuurmonumenten wijst op een van die percelen. “Dat staat nu twee jaar, moet je kijken hoeveel jonge boompjes daar al in staan”, zegt hij, waarmee hij onbedoeld ook de kern van het werk van Natuurmonumenten in De Wieden aanduidt. Zonder de werkzaamheden, verandert het landschap binnen enkele decennia in bos. Ook soorten als waterral, baardmannetje, en andere rietzangers profiteren overigens van het project aan het Zuideindigerwijde. Het project in De Wieden werd mogelijk gemaakt door een actie van de Vogelbescherming onder haar leden en door de stichting Zabawas.

Auteur

redactie