CAO voor werknemers openbaar vervoer

Emmeloord

De werknemers in het openbaar vervoer hebben een nieuwe CAO. Daarmee zijn dreigende stakingsacties afgewend.

Een aanpak van de werkdruk, een loonsverhoging van 8,3 procent in drie jaar én een vaste baan voor 1.000 uitzendkrachten, zijn de belangrijkste zaken die geregeld zijn. De cao-partijen in het openbaar vervoer hebben maandag deze afspraken kunnen bekrachtigen in een nieuwe cao voor de 12.000 werknemers in het openbaar vervoer. “Een verdiend resultaat, dat we dankzij massale steun van de werknemers hebben bereikt”, zegt onderhandelaar Sanne van der Meulen. Hoog op de agenda stond de werkdruk, waardoor veel chauffeurs zich voortdurend opgejaagd voelen en vaak geen tijd hebben voor een normale pauze. “De chauffeurs zijn de hoge werkdruk beu en willen waardering voor hun werk. Dat signaal is tijdens de landelijke staking vorige week donderdag goed overgekomen”, zegt Van der Meulen. “Dankzij die staking is de boel weer in beweging gekomen.” Aanpak werkdruk De nieuwe cao bevat een aparte bijlage, met concrete afspraken gemaakt over sociale roosters. Van der Meulen: “Werknemers krijgen meer invloed op hun rooster, zodat ze werk en privé beter kunnen combineren. Uiterlijk na 2,5 uur is er een gelegenheid om naar het toilet te gaan.” Loonsverhoging Tijdens de looptijd van de cao, van 1 januari 2018 tot 1 januari 2021, gaan de lonen met in totaal 8,3% omhoog. De eerste loonsverhoging van 2% gaat meteen per 1 januari 2018 in. Werkzekerheid en 1.000 vaste banen In de nieuwe cao geldt voor de komende drie jaar een baangarantie voor alle buschauffeurs, treinmachinisten, monteurs en toezichthoudend personeel. “Dit is een cao met perspectief, óók voor de vele uitzendkrachten en BBL’ers. De komende drie jaar krijgen duizend van hen een contract in het openbaar vervoer”, zegt Van der Meulen. Scholing Over scholing is afgesproken dat de cao-afspraak blijft bestaan dat werknemers dagen kunnen verkopen voor een persoonlijk ontwikkelbudget. Daarnaast komt er een onderzoek naar een collectief scholingsfonds.  

Auteur

redactie