STOPPELS | Oogst

Emmeloord

In 1984 kwam ik in het Kuinderbos werken als ‘broekie van 20’ in een ploeg met voornamelijk oudere bosarbeiders. Ik was de koning te rijk dat ik na mijn onderwijsperiode op de bosbouwtechnische school in Apeldoorn en na vervulling van mijn dienstplicht een baan had gevonden in het groen. Ik weet het nog goed ik startte in vak 39 van het Kuinderbos, dat is schuin tegenover ons huis aan de Hopweg waar ik nu met veel plezier woon. Ik snoeide bomen met de motorzaag en werkte veel met Jan de Vries.

  Hij was toen 64 jaar en zou weldra met pensioen gaan. Als de tank van de motorzaag leeg was, rookte Jan vaak een shagje en vertelde hij me verhalen over de aanleg van het Kuinderbos, als ‘jonge hond’ luisterde ik aandachtig naar zijn verhalen, zo leerde ik de geschiedenis van dit bos. In tarief bomen planten samen met je maat, de een spitte een gat, de ander stopte er een boom in en de grond uit het volgende gat werd overgegooid en zo planten ze samen honderden bomen per dag, elk uur wisselden ze van plek om het zwaardere graafwerk en lichtere plantwerk eerlijk te verdelen.   Als ik me niet vergis kregen ze een stuiver per geplante boom. Als je goed je best doet kun je er samen 400 plantten op één dag. Ze werkten in tarief, dat betekende dat je geen uurloon krijgt maar een stukprijs. Hoe harder en langer je werkte hoe meer je verdiende. Beulswerk was het, keihard werken voor een eerlijke boterham en dat deden toen honderden bosarbeiders. Pioniers van het eerste uur die eigenlijk een groot eerbetoon verdienen. Wij genieten dagelijks van hun inzet.   We spraken toen al over het gezegde “boompje groot plantertje dood”. Met name loofbomen kunnen wel 80-120 jaar oud worden zoals eiken en essen. Eerder vertelde ik al over de essentaksterfte. Momenteel ruimen we dagelijks zieke essen op met 8000 stuks afgelopen jaar. Omdat bos bij Staatsbosbeheer bos moet blijven planten we weer veel jonge bomen terug in het Kuinderbos, we planten nu een bos voor de toekomst dat ik dan wel niet volwassen zie worden maar de vruchten van de zoete kersen, de bloesem van de lindes, het sterke hout van de eiken en de vele eikels, de beukenootjes van de beuken, zaden van vladderiepen en eetbare vruchten van de tamme kastanjes zullen een mooi en evenwichtig bosbeeld opleveren.   Veel vogels en dieren zullen er van profiteren, veel bezoekers zullen ervan genieten als ze vruchten oprapen, of er dieren of vogels mee aan de haal zien gaan. De diversiteit, beleving en benutting past helemaal in mijn visie van natuurvolgend bosbeheer. Dus niet meer veel van het zelfde maar een gezonde mix van boomsoorten inbrengen, maximaal profiteren van natuurlijke verjonging van eik, els, meidoorn, esdoorn, veldesdoorn, wilg, hazelaar en berk.   We planten tot half maart wekelijks 1 of twee dagen bomen, wil je een keer helpen mail me dan op h.bergman@staatsbosbeheer.nl, wil je op de hoogte blijven van het wel en wee van het Kuinderbos, volg me dan op twitter @boswachterharco. Afgelopen week zijn we twee dagen aan het planten geweest en zat ik even op een boom en moest ik aan de verhalen van Jan de Vries denken van ruim 30 jaar geleden. Jan maakt de oogst van de 70 jaar oude essen niet mee en ik bedacht me dat ik de oogst van deze bomen die we nu planten niet mee zal maken. Zo is het gewoon, boompje groot plantertje dood. Harco Bergman, boswachter Kuinderbos

Auteur

admin