Vrijwilliger in het zonnetje: Harrie Zeldenthuis

EMMELOORD

In de Noordoostpolder wordt in 'Vrijwilliger in het zonnetje' wekelijks stilgestaan bij een vrijwilliger. Als ze er zijn vindt iedereen het normaal, maar als ze er niet zijn, dan worden ze gemist. Deze week in het zonnetje: Harrie Zeldenthuis, materiaalbeheerder van stEP Noordoostpolder (Stichting Evenementen en Promotie Noordoostpolder). ‘Sinds ik in 2010 Polderpionier werd, zien mensen mij echt staan als vrijwilliger.’

Door Alexander Drost

De 65-jarige Zeldenthuis is een bezige bij. Jaren was hij werkzaam bij gemeente Noordoostpolder, maar hij is net gestopt met werken. Hij geniet van een half jaar verlof, waarna hij definitief kan zeggen dat-ie met pensioen is. Binnen stEP is hij een graag geziene verschijning. ‘Dit wordt mijn 23ste jaar bij stEP’, vertelt Harrie. ‘Ik doe dit al sinds 1995 en ben er nooit meer weggegaan. Ik werd gevraagd door Harm van Wieren. We kennen elkaar goed. Je stapt dan sneller in als vrijwilliger. De keuze was destijds vrij snel gemaakt.’

Het begon met het opbouwen van de tent van het Pieperfestival, met daarnaast hand- en spandiensten rondom het evenement. ‘Daarna ben ik er verder in gegroeid, mocht ik wat meer zeggen. Ik beheer nu al vijftien jaar het materiaal en het magazijn van stEP, voor alle activiteiten. Het Pieperfestival is voor mij de hoofdzaak. Alles wat er bij aan zit, daar heb ik zijdelings mee te maken op het gebied van materialen. Het Pieperfestival is voor mij dé happening’, glimlacht Harrie. Al die jaren geleden moest er wat georganiseerd worden in de Noordoostpolder. ‘Want er was eigenlijk nooit wat’, blikt de vrijwilliger terug. ‘Zo probeerden we iets te organiseren, in een positieve zin. Activiteiten moeten bij mij altijd positief zijn en positief afsluiten. Is het negatief, dan word ik een beetje chagrijnig. We promoten de Noordoostpolder, dat is mijn streven.’

‘Ja, tijdens het Pieperfestival loop ik altijd met een glimlach rond’, vervolgt Zeldenthuis. ‘Als ik van de mensen hoor dat ze het leuk en gezellig vinden, dan is het voor mij geslaagd. Met muziek hoor ik toch niet of het vals is, als de mensen het maar naar hun zin hebben. Je krijgt er altijd weer complimenten voor terug. Ik ben vrijwilliger om de polder verder op de kaart te zetten.’