Countus: Grondcoalitiepartners gezocht in Flevoland

Emmeloord

COLUMN | Jaap Gielen

Onlangs heeft de Commissie Grondgebondenheid op verzoek van LTO en NZO een bindend advies uitgebracht met betrekking tot de invulling van de grondgebondenheid voor de melkveehouderij. De commissie plaatst een stip op de horizon richting 2025. De belangrijkste aanbeveling van de commissie is het vergroten van de grondgebondenheid uitgedrukt in het % eiwit van eigen land.

Minimaal 65% van de eiwitbehoefte moet afkomstig zijn van eigen land of middels buurtcontracten in de regio. Een buurtcontract kan alleen worden afgesloten indien tenminste 50% van het totaal benodigde ruwvoer op eigen grond geteeld wordt.

Inschatting maken

Jaap Gielen, melkveehouderijspecialist bij Countus: ‘De beste methode om de transitie naar deze robuuste melkveehouderij te bewerkstelligen zijn financiële prikkels en leveringsvoorwaarden. De financiële impact van deze grondgebondenheidsnorm is nu nog niet te kwantificeren, omdat details ontbreken. Met bedrijfsspecifieke cijfers uit de KringloopWijzer kan nu al wel een inschatting gemaakt worden van de benodigde bedrijfsaanpassing als niet wordt voldaan aan de gewenste grondgebondenheid.’

Grondcoalitie

In Flevoland is het verhogen van de grondgebondenheid via de aankoop van grond is met hoge grondprijzen geen optie, stelt Gielen. ‘De grondprijs en de beperkte beschikbaarheid van kleine koopbare oppervlaktes is voor de Flevolandse agrosector een belemmering voor de bedrijfsontwikkeling. Met grondcoalities tussen akkerbouwers en melkveehouders kunnen beiden hun bedrijf wel verder ontwikkelen.

In een grondcoalitie maken partijen afspraken over het grondgebruik. Eén bouwplan over het totaal beschikbare areaal is een optie. Met de combinatie van de teelt van gras en hoge saldogewassen is wederzijds financieel voordeel te genereren en kan ook de organische-stofbalans van het totale areaal positief worden beïnvloed. Flevoland leent zich goed voor deze uitwisseling.’

Samenwerkingsvormen

Gielen benadrukt dat voor deze uitwisseling tussen akkerbouwers en melkveehouders beleid nodig is dat de samenwerking tussen sectoren faciliteert. De commissie bevestigt dit door het benoemen van maatregelen die noodzakelijk zijn voor het sluiten van regionale kringlopen, zoals het verminderen van de afhankelijkheid van kunstmest door de toepassing van evenwichtsbemesting met dierlijke mest. Daarnaast zijn nieuwe samenwerkingsvormen noodzakelijk met juridische mogelijkheden voor een gemengd bedrijf.

De Commissie Grondgebondenheid schrijft in haar rapport om nieuwe samenwerkingsvormen van melkveebedrijven met andere landbouwbedrijven op te zetten, waarbij het ook juridisch mogelijk wordt een gemengd bedrijf vorm te geven waarbinnen de voer-mestkringloop verregaand kan worden gesloten. Gielen: ‘In Flevoland biedt deze samenwerking kansen voor beide sectoren, maar dit moet wetgeving dan wel mogelijk maken.’

Wil je meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met Jaap Gielen, j.gielen@countus.nl of via 06 14 32 03 68


Auteur

Redactie