Archeologie Schokland is gebaat bij natte voeten

Schokland

Het is voorjaar 2025. Een zachte lentebries waait vanaf het Ketelmeer over de polderdijk. Fluitekruid wiegt zachtjes heen en weer. De witte bloemen worden afgewisseld doorhet geel van boterbloemen.

Op een paaltje staat een grutto, duidelijk herkenbaar aan zijn oranje borst. Vanuit een poeltje naast het fietspad klinkt het krekelachtige geluid van een rugstreeppad. Iets verderop rijst de zuidpunt van Schokland zacht glooiend omhoog.

Toekomstbeeld

Nu liggen er nog strakke akkers, maar dit is het toekomstbeeld. Bijna 200 hectare aan de zuidkant van Schokland wordt de komende jaren opnieuw ingericht; deels nieuwe natuur aangevuld met biologische akkers en toeristisch-recreatieve voorzieningen, zoals een fietspad. ‘Geen verblijfsrecreatie’, benadrukt Roelof Duijff, beheerder natuur en landschap bij Het Flevo-landschap. ‘Er zijn al particuliere initiatieven in de nabije omgeving, waar wij verbinding mee zoeken. Gelukkig maar, want in ons eentje redden wij het niet. Het Flevo-landschap is in de allereerste plaats natuurbeheerder’.

Plasdrasland

De nieuwe natuur wordt vooral natte natuur. Plasdrasland, zoals in het begin van deze eeuw ook al aan de oostkant van Schokland is gerealiseerd. Dit is aantrekkelijk voor weidevogels als de kievit, de tureluur, de zeldzame grutto en zeker de veldleeuwerik, waar er steeds minder van zijn in Nederland. De vernatting van de bodem die Schokland omgeeft, is vooral nodig om de archeologie in die bodem te behouden. Die is namelijk uniek, en één van de belangrijkste redenen waarom Schokland een UNESCO Werelderfgoed is, legt Roelof Duijff uit. ‘En aan de zuidwestkant van Schokland is die archeologie nu heel kwetsbaar’.

Bodemarchieven bewaren

Door het lage grondwaterpeil en de inklinkende polderbodem in combinatie met de agrarische bedrijvigheid dringt zuurstof door tot het meest kwetsbare archeologische materiaal. Dit dreigt daardoor te vergaan. ‘Vernatting door verhoging van het grondwaterpeil zorgt ervoor dat dit bodemarchief bewaard blijft voor het nageslacht’.

In de bodem zitten nog tal van materialen die nog niet zijn ontdekt. Dat geeft aan hoe bijzonder dit deel van Schokland is. In het verleden zijn historisch belangrijke vondsten gedaan en in de toekomst zal dat zeker ook nog gebeuren.

Swifterbantcultuur

Roelof Duijff, over zo’n voor een periode kenmerkende opgraving: ‘Het gaat om een nederzetting waar sporen van bewoning zijn vanaf de midden steentijd tot de vroege middeleeuwen. In de tijd van de Swifterbantcultuur (5300 - 3400 voor Christus) is het gebied ook, in tegenstelling tot omliggende kampementen die alleen in het seizoen werden gebruikt, permanent bewoond geweest. Dit is voor die periode dus heel bijzonder. Er werd altijd vanuit gegaan dat de ‘Swifterbanters’ in de winterperiode richting hoger gelegen gronden zoals de Veluwe gingen’.

Het grondwater op deze plek zit nu nog één tot anderhalve meter onder het maaiveld. Na de vernatting staat het grondwater een stuk hoger. Er kan dan geen zuurstof meer bij de archeologie in de bodem komen, waardoor de bodemschatten beschermd blijven.

Resultaat vernatting

Dat vernatting succes heeft, is aan de oostkant van Schokland al bewezen. ‘De inklinking van de bodem is daar sinds de aanleg van de natte zone regelmatig gemeten. Op dit moment klinkt het voormalige eiland net zo snel in als de omliggende polder. Vóór de vernatting zakte Schokland sneller dan de polderbodem’.

Het project heeft, letterlijk, nogal wat voeten in de aarde, voordat het is gerealiseerd. Roelof Duijff: ‘We hebben aan de oostkant geleerd dat je het waterpeil goed moet beheersen om beheer mogelijk te maken. Dat nemen we mee bij dit project. Dat heeft wel zijn tijd nodig. Het is een omvangrijke klus die we graag met beide handen aanpakken’.

Werelderfgoedcentrum

Een nieuw te bouwen Werelderfgoedcentrum moet voor de bezoeker de uitvalsbasis worden om Schokland en omgeving te verkennen. ‘Hiervoor zijn meerdere locaties in beeld’, legt Duijff uit. De terp Middelbuurt, waar het huidige Museum Schokland en het restaurant zijn gevestigd, valt af. ‘Dat is een archeologische ster-locatie, die de hoogste bescherming geniet in Nederland. Nieuwbouw is daar geen optie meer’. De Gesteentetuin is een optie, maar ligt wel erg verborgen in het Schokkerbos. ‘Het Flevo-landschap heeft het liefst een zichtlocatie. Bijvoorbeeld op een vrijgekomen erf aan de Ramsweg of –nog beter- aan de Schokkerringweg’. Maar zo ver is het nog niet. ‘Papier is geduldig’, aldus Duijff.

Plan in het kort

Door de investering van bijna 27 miljoen euro van het Rijk, de provincie Flevoland, de gemeente Noordoostpolder, Waterschap Zuiderzeeland, de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en Het Flevo-landschap kan onder meer de grondwaterstand verhoogd worden en kan op de landbouwgrond een nat natuurgebied worden ingericht.

Door het natuurgebied aan te leggen, worden de archeologische resten op de beste manier bewaard en beschermd: in de bodem. Archeologen hebben in het gebied op en rond Schokland sporen gevonden van jagers, verzamelaars en vroege boeren daterend tot 8.000 jaar geleden. Deze vindplaatsen uit de Steentijd zijn getuigenissen van de overgang van een samenleving van jagers-verzamelaars naar een samenleving van landbouwers.

Al deze informatie over de eeuwenlange bewoning van dit gebied ligt nog ongestoord in de bodem. Dit maakt Schokland uniek in de wereld. Sinds de drooglegging van de Noordoostpolder is Schokland een eiland op het droge. Vanaf 1995 staat Schokland op de UNESCO Werelderfgoedlijst vanwege haar unieke waarde. Het natuur- en werelderfgoedgebied is open voor publiek.

www.flevo-landschap.nl


Auteur

Egbert Voerman