‘Bommen op Berlijn en bidden voor vrede’

Emmeloord - Inwoners van Noordoostpolder kunnen hun gedachten over vrijheid achterlaten in een etagère in het provinciehuis en de gemeentehuizen in Flevoland. Ook is het mogelijk een persoonlijk voorwerp achter te laten.

Sjoerd de Boer (fractievoorzitter ChristenUnie-SGP) heeft het dagboek van zijn opa, wijlen Sjoerd Snoek, achtergelaten in de etagère in het gemeentehuis in Emmeloord. ‘Op vrijdag 17 en zaterdag 18 november 1944 werd door de Duitse bezetter een grootscheepse klopjacht gehouden in Noordoostpolder en Urk, die in de herinnering voortleeft als de razzia van 1944. Ook mijn opa is toen opgepakt’, vertelt Sjoerd de Boer.

Krater van drie meter

Het dagboek beschrijft de ervaring van de razzia, de tewerkstelling in Duitsland en de bevrijding. Sjoerd de Boer: ‘Wat diepe indruk op mij maakt, is hoe de opgepakte groep leest uit de Bijbel en zingt ondanks al het oorlogsgeweld. Het eerste bombardement in Duitsland dat mijn opa meemaakte veroorzaakte een krater van drie meter op een plek waar hij iets daarvoor had gestaan. En mijn opa schrijft in het dagboek dat ze ondanks alles Psalm 121 hebben gezongen op Nieuwjaarsdag 1945: mijn hulp is van de Heere."

Bommen op Berlijn

Een passage uit het dagboek van Sjoerd Snoek, die in de buurt van Berlijn was. Hij schreef: ‘Die avond stonden wij in onze eigen schuilkelder en zagen de bommen op Berlijn vallen. De ontploffingen kon je heel duidelijk horen en de grond onder onze voeten dreunde. Je zag een regen van gekleurde lichtkogels en vliegtuigen die in de stralenbundels van de luftwaffezoeklichten gevangen werden en onder vuur genomen door de brand- en brisantbommen. ... Een Russische arbeider stond naast me en sprak me aan. Ik kon hem niet verstaan, maar begreep wat hij bedoelde. Hij wees met een vinger omhoog en deed zijn handen samen. "Ik bid voor die mensen in doodsnood en bid voor de vrede, zo kan het niet langer, de mensen zijn beesten geworden, ze verscheuren en verwoesten elkaar.’

Deze en andere voorwerpen en gedachten zijn inmiddels te zien in de bibliotheek, waar de etagère op 12 april naar toe verhuisde.