‘Groei van gewassen blijft een fascinerend proces’

Dronten - Het voorjaar is een drukke periode voor boeren. Het land moet worden klaargemaakt voor het zaaien. Dat is Arno Koeman uit Dronten dan ook aan het doen. ‘Het is nu mooi weer, dus er moet nu zoveel mogelijk de grond in’, legt dochter Nina uit.

Zij studeert tuin- en akkerbouw/agrarisch ondernemerschap aan de Aeres Hogeschool in Dronten en zit nu in het eerste jaar. Of ze het akkerbouwbedrijf van haar vader wil overnemen? ‘Voor een deel wel, maar ik zou het ook willen combineren. Want ik vind het erg leuk om met gehandicapte mensen te werken. Laten we eerst maar kijken of het allemaal zover komt. Eerst school, dan werken en dan zien we wel verder.’

Paplepel

Hoewel de akkerbouw haar met de paplepel is ingegoten, was het niet vanzelfsprekend dat ze in haar vaders voetsporen zou treden. ‘Ik heb toen ik naar het mbo ging wel naar een andere opleiding gekeken, maar het werd toch ‘groen’. Ik vind het nu eenmaal leuk om met mensen te werken en buiten te zijn.’

De akkerbouw is van oudsher een mannenwereld, maar dat vindt Nina niet erg. ‘Van de 18 leerlingen zijn er 4 meiden bij mij in de klas.’ Lachend: ‘We zijn dus wel in de minderheid. Toch zie je dat er al meer vrouwen zijn, al moet het nog wel een beetje op gang komen.’

Meer dan ooit is er veel aandacht voor wat zich onder de grond afspeelt: de bodem. Door klimaatveranderingen en zwaardere machines heeft die het zwaar. Daar zijn boeren zich van bewust, ook Arno Koeman. ‘Mijn vader is daar sowieso altijd mee bezig. Hij zorgt er bijvoorbeeld voor dat er lage druk op de bodem komt. Hoe smaller de banden van de trekker, hoe dieper de druk in de grond is. Dus gebruikt hij brede banden, want hoe groter het oppervlakte is hoe beter dat voor de bodem is.’

Ook heeft hij een profielkuil gegraven om te weten hoe het er onder zijn akker uitziet. ‘We hebben de lagen bekeken en hoe die zijn opgebouwd. Dat was erg interessant. Onze bodem bestaat voor 30 centimeter uit klei en daaronder zit veen. De eerste 15 centimeter van het veen is meegenomen door de diepspitter en zo naar bovengebracht.’

Zaaien

Maar de komende tijd is hij vooral druk met zaaien. Onlangs zijn de bieten en uien ingezaaid, het graan staat al zo’n 30 centimeter hoog, de aardappels moeten nog. Net als de wortels en witlof. Elk gewas heeft nu eenmaal een andere periode van zaaien en oogsten. ‘Ik vind het – van jongs af aan al – leuk om te zien hoe de gewassen groeien. Dat blijft een fascinerend proces.’

Donna Oevering