Gemeenten en provincie pleiten voor een uitbreiding van de spoedpoli in Lelystad

Lelystad - De spoedeisende eerste hulp (SEH) en acute verloskunde keren niet terug in Lelystad. Niet op korte termijn, maar ook niet op de langere termijn. Dat is één van de conclusies in het rapport van zorgverkenner Bas Leerink, die in opdracht van minister Bruno Bruins de huidige en toekomstige zorgbehoefte in Flevoland heeft onderzocht.

Nuances

Het is een duidelijke boodschap, maar het rapport bevat ook veel nuances. Dat is de conclusie van zorgwethouder Elly van Wageningen. Want er staan wel allerlei waardevolle suggesties in om de zorg in Lelystad en omgeving te verbeteren. ‘Zoals een voorziening voor COPD-patiënten, integrale geboortezorg met een bevalkamer en meer ‘interventies’.’

Suggesties

Zo pleit Leerink voor een ‘bevalkamer’ voor vrouwen die niet direct in een ziekenhuis hoeven te bevallen, maar dat thuis ook niet kunnen. Ook moet de samenwerking tussen verloskundigen worden bevorderd, zoals dat er eerder wel was in het ‘Verloskundig samenwerkingsverband’ van MC Zuiderzee. ‘Om goede geboortezorg te kunnen blijven aanbieden is nieuwe samenwerking nodig tussen de professionals in de geboortezorg: eerstelijns-verloskundigen, kraamzorg, kinderartsen en gynaecologen. Er zijn nu verloskundige samenwerkingsverbanden georganiseerd rondom de vijf omliggende ziekenhuizen, maar de verloskundigen in Lelystad, Dronten, Noordoostpolder en Urk maken hier nog niet in alle gevallen actief deel van uit. Dat moet de komende tijd verder hersteld worden, zodat gewerkt kan worden aan integrale geboortezorg voor de inwoners van Flevoland,’ meldt het rapport.

Verder moet er een doelgericht en vernieuwend zorgaanbod worden gerealiseerd voor chronisch zieken en andere patiënten die tot een kwetsbare groep behoren. Daarnaast moet er ondersteuning komen voor de huisartsenzorg in Lelystad, Dronten, Noordoostpolder en in mindere mate Urk, omdat die kwetsbaar is.

SEH

Dan blijft het pijnpunt ‘spoedeisende eerste hulp’. ‘Wij pleiten voor een uitbreiding van de spoedpoli die er nu al is, en die 24 uur per dag en zeven dagen per week open moet zijn. Dat vergt echter een andere manier van het organiseren van spoedeisende eerste hulp in Nederland. Flevoland zou daar een prachtige proeftuin voor kunnen zijn, door hier een pilot uit te voeren,’ aldus de wethouder.

Op dit moment is het zo dat voor spoedeisende eerste hulp een hele serie van voorschriften en regels geldt, waarbij er specialistische artsen 24/7 beschikbaar moeten zijn en een ziekenhuis een intensive care-afdeling heeft. ‘Als streekziekenhuizen dat anders mogen organiseren, zonder die specialistische eisen, maar met bijvoorbeeld wel een SEH-arts die kan bepalen of een patiënt in dat ziekenhuis terecht kan of naar een specialistisch of academisch ziekenhuis moet, is er veel meer mogelijk. Die beoordeling vindt nu ook plaats, in de ambulance.’ Zo’n spoedpoli zou 80 procent van de medische spoedgevallen kunnen behappen, alleen de complexe gevallen moeten dan naar een ander ziekenhuis in de omgeving.  ‘Het is een oplossing waar niet alleen Lelystad mee geholpen zou zijn, maar veel meer ziekenhuizen in Nederland. Want er zijn veel meer ziekenhuizen die moeite hebben de SEH open te houden of zelfs al moeten sluiten.’

Dat pleidooi houden de vier betrokken Flevolandse gemeenten Lelystad, Dronten, Noordoostpolder en Urk en de provincie dan ook richting  de minister en de Tweede Kamer.

Regie nemen

Bij alle andere in het rapport genoemde maatregelen geldt verder dat deze ook concreet moeten worden gemaakt en dat iemand daar de regie moet nemen. ‘Dat moet de minister zijn. De maatregelen zijn nu te vrijblijvend. Er moeten heldere afspraken worden gemaakt over prioritering en wie op welke wijze genoemde interventies gaat uitwerken. En daarbij horen ook afspraken over wie dat gaat betalen, want de maatregelen kosten geld.’

In een regionale ‘Zorgtafel’, waar alle bij de zorg betrokken partijen zijn vertegenwoordigd, moeten de vorderingen voor de aanbevelingen voor verbetering van de zorg worden bijgehouden.

Vervoer

Al met al ziet de wethouder genoeg aanknopingspunten in het rapport die de zorg in Lelystad en wijde omgeving kunnen verbeteren, en waar ook innovatief met nieuwe vormen van zorg en medisch toezicht gewerkt kan worden. Maar de spoedeisende eerste hulp en de acute verloskunde blijven wel aandachtpunten, waar in dit rapport nog geen pasklare oplossing voor is.

Dat geldt ook voor het vervoer van en naar ziekenhuizen in de omgeving. ‘Daarvan zegt de zorgverkenner dat de gemeente en de provincie dat moeten regelen, maar door de ontstane situatie is daar een acuut probleem. Dan gaat het er niet alleen om hoe een patiënt bij een ziekenhuis komt, maar ook over of hij of zij wel bezoek krijgt, als mensen uit zijn of haar omgeving gewoon geen geld hebben voor openbaar vervoer. Ook daar moet het Rijk meedenken over een oplossing.’

 

SEH en acute verloskunde

Het sluiten van de afdelingen spoedeisende eerste hulp en acute verloskunde in Lelystad, nadat het ziekenhuis in november 2018 failliet ging, zijn de grootste pijnpunten van de afgelopen maanden. Het heeft er voor gezorgd dat het vertrouwen in de zorg en zorgaanbieders onder druk is komen te staan en kan ertoe leiden dat mensen de zorg gaan mijden.

Leerink zegt echter klip en klaar dat beide afdelingen niet terugkeren, niet nu en niet in de toekomst. Hij concludeert dat terugkeer van beide afdelingen in Lelystad niet reëel is: het is onbetaalbaar en er is geen personeel voor te krijgen.

Bovendien is er geen noodzaak. Volgens het rapport voldoen het ‘huidige zorglandschap en de wijze van zorg verlenen aan de wettelijke kaders’. ‘De ambulancezorg voldoet na de uitbreidingen van de capaciteit eind 2018 aan de prestatienorm en de capaciteit van de omliggende SEH’s lijkt voldoende om alle patiënten goed op te kunnen vangen. Tot slot ontbreken signalen vanuit de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd die herstel van de situatie vóór het faillissement noodzakelijk maken,’ aldus het rapport.