Werk ‘laatbloeier’ Alda Koning in Museum de Fundatie

Emmeloord - De kunstzinnige en creatieve aanleg van Alda Koning uit Emmeloord moet er altijd wel zijn geweest. Toch is de Emmeloordse, van wie deze zomer werk hangt in de ZomerExpo in Museum de Fundatie, een laatbloeier.

Emmeloord Voor de expositie met als thema ‘Europa’ zond ze haar beeldend werk ‘Waterkonijn, je Maintiendrai’ in. De tentoonstelling is tot 1 september in kasteel Nijenhuis in Heino. ‘Ik heb een zwak voor aaibare dieren en daar horen ook waterkonijnen, ratten en muizen bij. Het beeld is gemaakt ter gelegenheid van de viering van 100 jaar Zuiderzeewet vorig jaar. Het waterkonijn, de muskusrat, staat symbool voor de strijd tegen het hoge water, de stijgende waterspiegel. Het dier wordt bestreden, omdat het gangen in de dijken graaft. Mijn waterkonijn heeft een tegeltje met het Nederlandse wapen tussen zijn poten met daarop de tekst: je Maintiendrai. De laatste muskusrat zal zich niet laten vangen en staat onder een Franse bruidsstolp.’

Nieuwe Horizon

In de Museum De Fundatie in Zwolle hangt haar schilderwerk ‘Nieuwe Horizon’ een schilderij waarop twee handen opgerold buikvet vasthouden. ‘Het is een nieuwe blik op het eigen lichaam. Navelstaarderij. We hebben geen oog meer voor wat om ons heen gebeurt. En het werk is een knipoog naar de maakbaarheid van de mensen. Als ons uiterlijk ons niet aanstaat gaan we naar de plastisch chirurg. Met het schilderij wil ik eveneens de schoonheid van het verval laten zien. Dat is ook een thema dat vaak terugkomt in mijn werk.’

Het is al de vierde keer dat er werk van de kunstenares uit Emmeloord in de ZomerExpo te zien is. Vijf keer meldde ze haar werk aan. ‘Ik ben daar wel een beetje trots op. Er zijn twee selectierondes voor de aangemelde werken, waarbij ongeveer 90 procent afvalt. Het is mooi als je werk door de selectie komt. Een plek in De Fundatie is wel erg eervol. Daar doe ik het voor.’

Alda is deeltijd kunstenaar met een atelier aan huis aan De Ford in Emmeloord en werkt daarnaast bij de gemeente Noordoostpolder waar ze het juridisch team en de mediators ondersteunt. Dat ze ooit kunstzinnig aan de slag zou gaan, had ze als tiener niet durven dromen. ‘Ik vond tekenen en schilderen op de middelbare school maar niks. Misschien had dat ook te maken met de verplichte opdrachten, die je pas kreeg als je het podlood al in handen had. Daarnaast kreeg ik kunst ook niet van huisuit mee’, vertelt de in Wolvega geboren Alda.

Dood muisje

Ze ging naar de Bibliotheek Akademie in Groningen en kwam daarna in de bibliotheek van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaart Laboratorium in Marknesse terecht. ‘Een speciale bibliotheek voor technici en wetenschappers, die er onderzoek doen’, legt ze uit. Een weinig kunstzinnige omgeving. Het creatieve licht in haar ontvlamde toen ze langs de weg een dood muisje vond. ‘Ik moest dat muisje tekenen en dat moest goed. Om dat te kunnen, ben ik cursussen gaan volgen, waar ik diverse materialen leerde kennen. Na ongeveer 10 jaar verruilde ik aquarel voor acryl- en olieverf.’

Er ging een wereld voor haar open. Schilder Ben Kersaan leerde haar kijken en tekenen en drukte haar op het hart dat ze altijd een schetsboek bij de hand moest hebben. ‘Hij is erg belangrijk geweest voor mijn ontwikkeling. Hij gaf goede instructies en leerde me kijken en reikte me daar ook methoden voor aan.’

Anders kijken

Er volgden lessen van de bekende Franeker portret- en dierschilder Pieter Pander. Het fanatisme om zich te ontwikkelen in kunst groeide bij Alda. Ze schreef zich zelfs in voor een voorbereidend jaar aan de Hogeschool voor de Kunsten Constantijn Huygens in Kampen. ‘Een jaar lang had ik op zaterdag kunstlessen in de breedste zin van het woord. Ik had onder meer les van Onno Boekhoudt, een bekend sieradenontwerper. Hij leerde me ‘anders kijken’.’

Alda slaagde voor de vooropleiding en kon naar de Akademie. ‘Maar ik had werk en een gezin met kinderen. Ik kon niet naar de dagopleiding, dat was niet te combineren.’ Toen ze hoorde over de deeltijdopleiding in Utrecht was ze verkocht en reisde ze eens in de drie weken op zaterdag naar de Domstad om zich te scholen als kunstenaar. In het jaar dat ze Sara zag, slaagde ze. Nog steeds heeft ze contact met haar studiegenoten en reflecteren ze met regelmaat op hun werk. ‘Dat beoordelen van elkaars werk gaat er nu wel wat minder hard aan toe dan tijdens de studie, hoor. Hoe het me gelukt is om de akademie te doen in combinatie met mijn werk en gezin is me nog steeds een raadsel’, blikt ze terug op die tijd.

Componeren

Hoewel ze wel eens een uitstapje naar beeldend werk maakt, ziet ze zichzelf vooral als schilder. ‘Ik ben ook geen beeldhouwer in de zin dat ik met beitel en schaaf aan het werk ga. Mijn beeldend werk is gebaseerd op rangschikken, ordenen en componeren.’ In deze kunstvorm is ze geïnspireerd door de Belgische kunstenaar Berlinde de Bruyckere, over wie ze haar eindscriptie schreef. Vooral oud roestig ijzer trekt haar aan. Van wat bij wijze van spreken de schroothoop overleefd heeft, maakt ze kunstwerken. Ze steekt het in een sokkel van hout en een kunstwerk is gecomponeerd.

Veel meer uren zitten in haar verfijnde schilderwerken. Waar schoonheid en verval vaak terugkomt in haar werk, schildert en tekent ze ook heel realistisch dierportretten. ‘Dat doe ik ook in opdracht’, zegt Alda, die dit najaar een cursus figuratief tekenen geeft aan de Meerpaal Akademie in Dronten. Wie een lievelingsdier voor de eeuwigheid op doek wil, kan bij Alda aankloppen. Enkele van haar dierportretten zijn momenteel te zien in de verkooptentoonstelling Klein-Kleiner-Kleinst in Museum Mϕhlmann in Appingedam.

Dierportretten

Alda had achteraf wel eerder willen bloeien in de kunst. ‘Je kunt de tijd niet terugdraaien’, zegt ze realistisch. ‘Ik ben nu deeltijd kunstenaar. Slechts enkele kunstenaars kunnen leven van de kunst. Het is vooral leuk om te doen, maar voor mij beslist meer dan een hobby. Anders zou ik de akademie ook niet hebben gedaan. En als je niet vaak iets verkoopt, vraag je jezelf ook af: waar doe ik het voor. Me inschrijven voor exposities werkt voor als een prettige stok achter de deur om iets bijzonders te maken. Als je werk dan uitverkoren is, dan geeft dat wel trots.’

Cees Walinga