STOPPELS | Bushalte

Toeristen, plaag of zegen? Steden als Barcelona, Venetië en Amsterdam en dan vooral hun inwoners zijn de hordes spuugzat. In dat rijtje hebben Giethoorn en Haarlem zich inmiddels ook gevoegd. Het was zo leuk. Je stad profileren en op de wereldkaart zetten voor de ideale verpozing. De steden hadden het tij mee.

Door de wereldburger die steeds meer centen op zak heeft, de opkomst van de middenklasse in landen als China en Rusland, de goedkope vliegtickets en airbnb staan de hotspots ineens op zoveel bucketlijstjes, dat de plekken het niet meer aankunnen. En krijg de mensen maar weer eens de andere kant op. Weet u nog hoe de paarden van Marum gedwee achter de voorste aanliepen van de kwelder? De toeristenmassa van koers veranderen waar het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen nu druk mee is, lijkt een mission impossible.

Rolkoffers

Ik ben al lang van het pad af. Venetië heeft me nooit geboeid, Barcelona was een vergissing, de minst Spaanse stad die ik ooit bezocht, en op Amsterdam ben ik ook al jaren uitgekeken. Het irritante geratel van rolkoffers, voor je het weet struikel je ook over zo’n aanhangsel, en de lange rijen voor musea ontnemen me het enthousiasme om nog naar Mokum te reizen.

En het ooit zo lieflijke Giethoorn, waar de Chinezen ineens massaal verliefd op zijn, schijnt ook al een hel te zijn. De tijden van Haanstra’s Fanfare zijn daar wel passé. De ouwe bombardonblazer Geursen had het moeten beleven. Hij blies ze allemaal de Beulakerwijde in. Het is er nu zoeken naar een kaaskop. Wat zou er nog over zijn van Café Fanfare?

Bollenvelden

En toch staan er ondanks deze onheilsberichten nog steeds gemeenten met open armen te wenken naar de op drift geraakte toeristenmassa. Noordoostpolder roept niet heel hard, maar op aandringen van het NBTC is ze wel geadviseerd met name ook de tulpen uit te buiten. De Hollanders waren dit voorjaar ineens zo royaal met toeristen uitruilen toen ze ‘nee’ moesten verkopen bij de bollenvelden rondom Lisse en Hillegom. De wegen liepen er vol. Wie nog een bloeiende tulp wilde zien moest in de Noordoostpolder zijn.

De organisatie van het Tulpenfestival greep meteen haar kans en twitterde uitnodigend over de ruimte hier bij de bollenvelden. Het was nog nooit zo druk in de tulpenpolder. Als dat maar goed komt. En ergens op een eiland tussen die onmetelijke bollenvelden staat onze cultuurmanager Marcel Jansen nu te schreeuwen dat er geen wachtrijen zijn voor Museum Schokland en het werelderfgoed. Komt dat zien.

Bus

Met 35.000 museumbezoekers ziet hij nog heel veel groei mogelijk, want ook de 100.000 eilandgasten op jaarbasis vallen er weg over tijd en ruimte. Maar vreest niet. Het Unesco werelderfgoed Schokland mag dan op heel veel bucketlijstjes staan, het zal niet snel verzwelgen door massatoerisme. Jansen kan roepen wat hij wil, maar er kan nog geen bus stoppen bij Schokland. De bushalte kan ons redden.

Cees Walinga