Eric van der Linde: 'Er moet echt een alternatief komen'

Emmeloord - Het bewaren van aardappelen is momenteel een issue. Dat stelt Eric van der Linde van Van der Linde BV uit Emmeloord. ‘Er worden heel wat middelen voor bewaring uit de handel genomen. Een voorbeeld daarvan is chloorprofam. Dat is een middel dat wij als exporteur van aardappelen gebruiken.’

Per oktober 2020 is het gebruik van chloorprofam verboden in Nederland. Het middel is een kiemremmer dat bij Van der Linde in de allerlaatste stap, voordat de aardappelen worden verpakt en dan op export gaan, wordt verneveld over de aardappelen. Er zijn heel wat telers en exporteurs in Nederland die chloorprofam toepassen voor het bewaren van aardappelen. De kiemrustverlenger kan een aardappel tot wel in april in slaap houden, waardoor het product langer te koop ligt in supermarkten.

Geen alternatief

Dat het middel nu verboden wordt, vindt Van der Linde niet het einde van de wereld. Maar er is geen alternatief. Dus, wat nu? ‘Als het echt door gaat en alternatieven uitblijven, dan liggen wij volgend jaar jaar stil. Een teler, een boer, heeft het alternatief wel. Ze kunnen de aardappelen op het land behandelen met MH en ze hebben een gassysteem dat ze vervolgens voor bewaring kunnen gebruiken. Wij kunnen dat niet gebruiken.’

De situatie

Het waarom zit ‘m in de lengte van de kiemrust. Van der Linde vertelt dat de export de hele wereld over gaat, van Oost-Europa tot Afrika en het Caribisch gebied. Neem Barbados als bestemming van de aardappelen. ‘In dat geval zijn we nu nog erg flexibel. Als een klant vandaag belt, dan staat er morgen een auto klaar voor transport.’

De boottocht naar Barbados duurt 3 weken. De aardappelen verlaten Emmeloord met een temperatuur van 8 a 10 graden. ‘Op Barbados is het 30 graden. Dan gaan de deuren open en wordt de aardappel direct wakker. Daar in de haven aangekomen, moeten de aardappelen ook nog uitgevent worden. Voordat ze bij de consument op het bordje liggen, ben je vanaf hier 7 a 8 weken verder.’

Al die tijd moeten de piepers dus in rust en beschermd zijn. Dat gebeurt allemaal dankzij de behandeling met chloorprofam. ‘Maar straks mogen wij het dus niet meer gebruiken, daar zeggen ze; alstublieft, doe het. Schadelijk is het niet, de dosering is zó klein. Alle jaren mochten we het doen. We zaten ook zo ver onder die Europese norm.’

Barbados

Exporteur Van der Linde hamert op een alternatief – dat vooralsnog uitblijft. Is het gassen, zoals een teler dat kan doen, dan geen oplossing? Een goede manier, vindt Van der Linde, maar voor export naar verre landen verre van toereikend. ‘De aardappel komt dan bij ons aan. We moeten ze gassen in een afgesloten ruimte. Dat doe je niet voor 30 ton, dus je moet een loods hebben van 600 ton, anders kan het helemaal niet uit. Die hele 600 ton gas je ineens en moet je vervolgens binnen anderhalve a twee weken afleveren, want het middel werkt 4 a 5 weken.’

De flexibiliteit, waar exporteurs juist zo goed in zijn, verdwijnt volledig. ‘Als wij het na 3 weken – op vraag van de klant – in gaan pakken en het moet naar Barbados toe, kan dit al niet. Dan is de aardappel te kort in rust. De afnemer ziet dan dat de aardappel gaat kiemen en keurt af. Wat wij dan niet mogen, zal ze een worst wezen.’

Van der Linde ziet het uitblijven van alternatieven met lede ogen aan. Daarbij komt ook nog eens dat chloorprofam al jaren is gebruikt. Het gaat in het hout van de kisten zitten. Er blijft dus residu achter. En dat mag straks ook niet. De norm wordt 0. ‘Als ze dat volhouden, kunnen boeren al die oudere schuren wel afbreken. Dat kan gewoon niet’, vindt Van der Linde.

Oplossing?

Wat is zijn oplossing? ‘Het is een groot probleem. Ze moeten die residu-norm omhooggooien, zodat boeren hun schuren kunnen blijven gebruiken. Het mooiste zou zijn dat we op deze manier door kunnen, totdat er een nieuw middel is dat wel gebruikt mag worden. Zo bouwen we het gebruik van chloorprofam langzaam af en gaan stappen we geleidelijk over.’

Toch spookt het rampscenario bij hem en collega’s door het hoofd. ‘Als het echt door gaat, zoals het er nu voorstaat en er geen alternatieven zijn, liggen wij volgend jaar echt stil, terwijl alles dat naar buiten de EU gaat een behandeling móét hebben. We weten nu niet hoe we dit moeten gaan doen. Er wordt iets bepaald en verder wordt er nergens naar gekeken.’

Alexander Drost