‘Nog nooit was het zo droog’

Emmeloord - Wie door de polder rijdt, ziet op landbouwpercelen haspels staan. Agrariërs zijn volop aan het beregenen met oppervlaktewater en grondwater, omdat het dit voorjaar extreem droog is. Sterker nog: ‘Het is nog nooit eerder zo vroeg, zo droog geweest’, zegt Elmer Benjamin, hydroloog en droogte- coördinator van Waterschap Zuiderzeeland. ‘Bijzonder is dat februari een van de natste maanden ooit gemeten is. Misschien hebben we daar nog steeds voordeel van.’

Het jaar 1976 staat in de boeken als recordjaar, als we kijken naar droogte in Nederland. ‘Dat record zijn we nu al ver gepasseerd’, vertelt Benjamin. ‘We zitten vandaag (dinsdag 2 juni, red.) op een neerslagtekort van 166 millimeter, waar we in een gemiddeld jaar rond de 100 millimeter zitten. Enige context is wel dat er voor komend weekend (afgelopen weekend) wat regen is voorspeld. Dat geeft misschien iets verlichting, maar er worden geen grote hoeveelheden regen verwacht. Het moet dagen achter elkaar regenen, wil je daar wat van merken.’

Leren van 2018

Het is gortdroog. Dat was het ook in de zomer van 2018. Benjamin: ‘We hebben aan de ene kant te maken met klimaatverandering (op langere termijn) en aan de andere kant met de verandering in weer, de dagelijkse praktijk. De verwachting is dat de zomers warmer worden en dat het vaker droog wordt. Dat het zoals dit jaar zó droog is, heeft te maken met hogedrukgebieden die lang op hun plek blijven. Daarom zitten wij nu met het warmere weer.’

Benjamin en zijn collega’s hebben geleerd van die warme zomer van twee jaar geleden. ‘Alle waterbeheerders in Nederland hebben geleerd dat we goed met elkaar moeten afstemmen en sneller anticiperen op wat erop je afkomt’, vertelt hij. ‘We hebben nu sneller gehandeld dan in 2018. Veel waterbeheerders hebben het waterpeil verhoogd, om een kleine watervoorraad te hebben. Bijkomend voordeel is dat de waterkwaliteit daar in het algemeen beter van wordt. Als waterschap kunnen wij alleen echt sturen op het waterpeil. Grondwaterpeil is ook heel belangrijk, maar dat kunnen wij niet goed beïnvloeden.’

Agrariërs in de Noordoostpolder kunnen hun gewassen beregenen uit oppervlaktewater, aangevoerd water en grondwater. Gebruik van grondwater zorgt voor een daling van het grondwaterpeil, of een verandering van de kwaliteit ervan. ‘De polder ligt onder de zeespiegel, dus er blijft altijd kwelwater aanwezig voor beregening.’ Maar die kwel moet wel van goede kwaliteit zijn. ‘En bij droogte wordt dat wat minder. Wat ik heb begrepen is dat er vanuit sommige bronnen zouter water naar boven komt dan men gewend is.’ Ook op droge dagen maalt Waterschap Zuiderzeeland door. ‘Want anders lopen we hier langzaam vol’, weet Benjamin. Een uniek proces, zeker gezien de schaalgrootte. ‘In de Noordoostpolder maken we bovendien dankbaar gebruik van het feit dat Rijkswaterstaat het waterpeil in het IJsselmeer heeft verhoogd. Hier laten we water het gebied in via zogenaamde inlaten en hevels.’

Er is een scenario denkbaar waarin er voor boeren te weinig water is om te gebruiken. Benjamin: ‘Rijkswaterstaat kan op basis van de watervoorraad in het IJsselmeer concluderen dat we op rantsoen moeten, of dat er geen water meer gebruikt kan worden. Het is een scenario waarvan ik denk en hoop dat we daar niet komen. Wel zitten we pas in juni, we hebben de zomer nog voor ons. Een ramp verwacht ik niet. Maar het wordt wel aanpoten voor ons om alles in goede banen te leiden.’

Meedenken

In de agrarische nieuwsbrief heeft het waterschap een oproep richting agrariërs gedaan, met de vraag om mee te denken. Stel dat er een ‘rampscenario’ plaatsvindt, wat dan? ‘Nu valt het allemaal mee en kunnen we er objectiever naar kijken dan wanneer het ernstig wordt. We willen graag met elkaar nadenken. Het is de omgekeerde weg als wij zouden bedenken hoe agrariërs en natuurorganisaties het willen hebben.’

Nederland en water. Een combinatie als Yin en Yang. Maar Nederland en droogte? Dat is een nieuwer verhaal. Nederland kan andere landen helpen als het gaat om kennis en ervaring met water. Maar misschien moeten we als land over de grenzen heen kijken als het gaat om droogte. ‘We kijken natuurlijk sterk naar wateroverlast. Daarin zijn grote samenwerkingsverbanden ontstaan. Droogte, ja, dat moet zich nog verder ontwikkelen. Er is een begin met de lobby gemaakt. Wij kunnen leren van andere landen die vaker met droogte te maken hebben gehad. En zij kunnen op hun beurt weer leren van onze ervaringen.’

Alexander Drost