Flevoland en Noord-Holland onderzoeken mogelijkheden aardwarmte

Lelystad - Om aardwarmte als energiebron op de kaart te zetten, slaan de provincies Flevoland en Noord-Holland, samen met de gemeenten Amsterdam en Haarlem, EBN en zes marktpartijen (Vattenfall, Eneco, ENGIE, HVC, Shell en Eavor), de handen ineen.

Deze partijen gaan samenwerken om in de regio van Zandvoort tot Lelystad natuurlijke warmte uit de grond in te zetten om woningen en andere gebouwen te verwarmen. Er is dan geen aardgas meer nodig om voor warmte in huis te zorgen.

Hernieuwbare energiebronnen zo goed mogelijk benutten

Jop Fackeldey, gedeputeerde energietransitie en klimaat van provincie Flevoland: 'In de energietransitie hebben we alle hernieuwbare energiebronnen nodig. En moeten we die bronnen zo goed mogelijk benutten. Daarom is het goed dat er nu afspraken gemaakt gaan worden hoe we de beschikbare aardwarmte in het MRA-gebied optimaal gaan gebruiken'.

Edward Stigter, voorzitter stuurgroep Versnelling Aardwarmte MRA en gedeputeerde klimaat en energie van provincie Noord-Holland: 'Voor het verwarmen van woningen is het gebruik van geothermie een prachtig alternatief voor aardgas. Het zou mooi zijn als we ook de regio rond Amsterdam op die manier duurzaam kunnen verwarmen. Dat we hier als overheden en bedrijfsleven samen mee aan de slag gaan, is essentieel, want we hebben elkaar daarvoor hard nodig. De overeenkomst die we nu sluiten is een belangrijke eerste stap. Ik roep andere gemeenten, warmtebedrijven en aardwarmteontwikkelaars op om zich hierbij aan te sluiten'.

Huizen verwarmen

Aardwarmte is een bron van duurzame warmte. In grote steden als Parijs en München wordt er al jaren gebruik van gemaakt. In plannen om woningen in de Metropoolregio Amsterdam (MRA) aardgasvrij te maken, is er rekening mee gehouden dat in 2040 bijna een kwart van de gebouwen in het gebied met aardwarmte verwarmd kan worden.

De zes marktpartijen willen er samen met de provincies, gemeenten en EBN voor zorgen dat aardwarmte zo snel mogelijk en op een veilige en betrouwbare manier in te zetten is. Aardwarmte moet uiteraard betaalbaar zijn en er moet draagvlak zijn bij omwonenden. Daar zetten de provincies, gemeenten, warmtebedrijven en aardwarmteontwikkelaars nu op in. Er zijn afspraken gemaakt over het delen van kennis, het efficiënt benutten van de ondergrond en het afstemmen van plannen.

Doorpakken

In de regio rond Amsterdam is aardwarmte tot nu toe beperkt toegepast, omdat nog onderzocht moet worden of de warmte uit de ondergrond in deze regio bruikbaar is voor het verwarmen van gebouwen. In het gebied tussen Zandvoort en Lelystad wordt dit najaar en komend voorjaar door EBN met seismisch onderzoek data verzameld om beter in kaart te brengen waar de bodem geschikt is voor het winnen van aardwarmte. Zodra deze kennis in beeld is, kan worden doorgepakt. In Haarlem, Almere, Diemen, Amsterdam en in de IJmond bestaan al initiatieven om aardwarmteprojecten te realiseren. Ook daarin werken meerdere partijen samen. Over enkele jaren zijn de eerste resultaten hiervan te verwachten.

Vervolgstappen

Belangrijke vervolgstap is het interpreteren van de data die voortkomen uit het seismisch onderzoek door EBN. Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar hoe inwoners financieel kunnen deelnemen in aardwarmteprojecten en worden de rollen, taken en bevoegdheden tussen de verschillende partijen bekeken die volgen uit de Warmtewet en de Mijnbouwwet.

Het project Versnelling Aardwarmte MRA wil het gebruik van aardwarmte als duurzame warmtebron versnellen. Lees meer op warmteiscool.nl.