Vrouwenvereniging Rutten: thuiszitten was geen optie

Rutten - Emancipatie echt iets van de 21e eeuw? Dan ken je de eerste, vrouwelijke polderbewoners nog niet. Deze dames waren echt niet van plan om thuis te zitten wachten totdat de man thuiskwam van zijn werk. En dus werd in 1953, meteen nadat Rutten was gesticht, ook de eerste vrouwenvereniging gestart. Met leden Henny Plomp (79) en Hendrika Verhage (65) halen we herinneringen op aan die tijd.

Het is een koude ochtend, eind november, als Henny en Hendrika samenkomen in Rutten. Henny heeft de koffie en het speculaas al klaar staan en niet lang daarna verschijnen ook de plakboeken vol foto’s, pamfletten en met de pen geschreven herinneringen op tafel. Ze begint meteen te vertellen over haar introductie bij de Nederlandse Bond voor Plattelandsvrouwen (NBvP) in 1969. 
‘In dat jaar kregen wij net buiten Rutten een boerderij aangewezen en meteen toen de eerstvolgende bijeenkomst plaatsvond, nam een buurvrouw mij mee.’

Mensen leren kennen 
Contacten opdoen was een belangrijke missie van de vrouwenvereniging. De vrouwen kwamen vanuit heel Nederland naar de polder en kenden hier vaak niemand. Omdat de mannen hun werk hadden en de kinderen naar school gingen, was het voor de vrouwen moeilijk om contacten op te doen. Gelukkig waren daar de vrouwenverenigingen. Want naast de neutrale NBvP had Rutten ook een christelijke én katholieke vrouwenvereniging, waar vrouwen van allerlei pluimage konden samenkomen. 

Van modeshows tot kooklessen
Hendrika begon haar verenigingsleven bij de christelijke CPB, maar niet lang daarna stapte ze over naar de NBvP. 
‘Die paste beter bij mij.’ Ze kwam terecht in een warm bad. ‘Het draaide om gezelligheid en iets opsteken’, vertelt de geboren Drentse. Er werden dan ook niet alleen modeshows of comedy-avonden georganiseerd, maar ook kooklessen gegeven. Zo leerden de dames tradities en gewoontes kennen uit heel Nederland. Vanuit de landelijke organisatie van de NBvP werden ideeën aangereikt en werd er gestuurd op variatie in het programma. 

Zo’n één á twee keer per jaar werden er ook landelijke uitstapjes georganiseerd. Met een bus vol dames naar de bloembollen in Lisse bijvoorbeeld. Of met het openbaar vervoer naar Arnhem. Beide dames krijgen een grote glimlach op hun gezicht als ze eraan terugdenken.

Vrouwenverenigingen nu
Vandaag de dag zien de vrouwenverenigingen er iets anders uit. Die van Rutten is in 2008, rond het 55-jarig bestaan, opgeheven. Er waren te weinig bestuursleden. Henny ‘vertrok’ met een aantal andere dames naar de vrouwenvereniging van Bant. ‘Dat is jammer, maar het aantrekken van jongeren lukte niet’, laat ze weten. 

Anno 2020 is ze wel weer betrokken bij de dorpsvereniging van Rutten. Vooral de betrokkenheid en de saamhorigheid van een dorp ervaren de dames als fijn. ‘Aan onze kinderen en kleinkinderen merk je dat de jongere generatie uiteindelijk weer terugkeert en dat ook zij het verenigingsleven heel belangrijk vinden,’ laat Hendrika weten. ‘Fantastisch toch,’ vult Henny aan. 

Beide dames kunnen dan ook niet wachten tot de nieuwe multifunctionele accommodatie Het Klavier Rutten klaar is. ‘Een deel daarvan wordt ingericht als ontmoetingsplek. Een beetje zoals het oude dorpshuis De Stiepe, maar dan moderner.’ 

Historie bewaren
De mooiste herinnering aan het verleden? Voor Hendrika is dat het lied dat werd gemaakt tijdens het 25-jarig bestaan van Rutten. ‘Iedereen deed mee, wegen en bewoners werden bij naam genoemd, het was een groot succes.’ 

Henny noemt meteen het kleed. In 1968 werd voor het 15- jarig bestaan van de Plattelandsvrouwen in Rutten een handgemaakt vergaderkleed gemaakt. De vrouwen hebben het kleed zelf ontworpen en zelf gemaakt. Met borduursels van typische poldervoorstellingen. Tulpen bijvoorbeeld. Of een trekker. 

Henny had het kleed op zolder liggen, totdat stichting Canon De Noordoostpolder het, samen met oude notulen en andere memorabilia, ophaalde. Aan haar ogen zie je dat het kleed belangrijk is voor Henny. Dat het iets is waar ze trots op is. 

Bewaren voor later
Stichting Canon wil het, samen met de andere spullen, bewaren. Voor tentoonstellingen en toekomstige generaties. En daar is Henny maar wat blij mee. ‘Normaal verdwijnt dit soort dingen zodra een vereniging ophoudt te bestaan’, legt ze uit. ‘Het is fijn dat dit stukje historie bewaard kan blijven’. 

Tekst: Debora Boomsma