Drafkampioen Van der Wal blijft op zeges jagen

Creil - Voor leerling-pikeur Johan van der Wal was 2020 het succesvolste jaar uit zijn loopbaan. Hij wil geen eendagsvlieg zijn. ‘Ik wil ook dit jaar zo veel mogelijk koersen winnen. Dat staat altijd voorop.’

De 28-jarige Creilenaar uit de stal van Jeroen Engwerda stelde het Nederlands kampioenschap in het coronajaar veilig door in oktober op Victoria Park in Wolvega drie wedstrijden op een dag te winnen. Zijn grootste concurrent, Marciano Hauber, was daarna niet meer in staat Van der Wal te achterhalen. ‘Hij heeft het wel geprobeerd en won ook nog wel wedstrijden, maar het waren er niet genoeg.’ En dus kroonde Van der Wal zich voor de eerste keer tot kampioen. ‘Ben ik heel blij mee.’

De polderpikeur staat nu op 19 overwinningen in totaal. Na 30 overwinningen ben je leerling-pikeur af. Met een beetje geluk en vakmanschap kan Johan van der Wal zich ergens in de loop van 2022 met de grote jongens meten. Dan moet ie dit jaar wel minimaal zo succesvol zijn als in 2020, toen hij goed was voor 7 zeges. Van der Wal denkt dat wel voor elkaar te kunnen boksen. ‘Ik denk dat ik weer voor de titel kan gaan, maar dan moet je ook een beetje geluk hebben.’

‘Leer elke dag’

En nog beter worden natuurlijk. Door bijvoorbeeld te trainen, wat Johan der Wal vaak doet op de baan van Jeroen Engwerda aan de Professor Zuurlaan, tussen Dronten en Biddinghuizen. Hij heeft daarbij het geluk met wereldkampioen Rick Ebbinge uit Kraggenburg te mogen samenwerken. ‘Ik trek veel met Rick op. Hij is een echte vakman en is natuurlijk veel verder dan ik. We praten veel, meestal over paarden. Hij geeft me tips en ik stel veel vragen. Ik leer elke dag van Rick.’

Johan van der Wal is van jongs af aan al in de weer met paarden. Op zijn 13e begon hij bij Huib Crebas als vakantiehulpje. Van der Wal reed pony en deed later mee aan springwedstrijden. Samen met Rick Ebbinge verhuisde hij naar de stal van Jeroen Engwerda. Toen had hij de switch van springen naar draven al gemaakt. ‘Ik wilde een nieuwe uitdaging.’ Toch aarzelt hij te zeggen, dat hij draven mooier vindt. ‘Het is een kwestie van gevoel.’

Van der Wal was zeker niet vanaf begin 2020 bezig met een eventueel kampioenschap. Dat hij toch de leerling-pikeurtitel binnensleepte, was ook te danken aan de kansen die hij van de eigenaars en Engwerda kreeg. ‘Ik kreeg goede paarden tot mijn beschikking. Daar begint het allemaal mee.’ Maar ook het puike presteren van z’n eigen paard Junior droeg bij aan het succes. Van der Wal kocht de nu vierjarige ruin als jaarling. In eerste instantie leek hij een miskoop.

Na één kilometer

‘In de eerste koersen begon hij telkens na één kilometer te springen’, zegt Van der Wal, die toch in Junior wilde blijven investeren en de mede-eigenaar uitkocht. Junior kwam thuis, vlak buiten Creil aan de Noordermiddenweg, te staan. Op advies van Jeroen Engwerda liet Van der Wal Junior vaak zwemmen. ‘Had Jeroen in Frankrijk gezien. Een half jaar lang ging ik bijna elke avond met Junior aan de slag, in een meertje bij Sint Nicolaasga. Dat heeft hem zeker geholpen.’

Langzaamaan kwamen de resultaten. Toen in Nederland de koersen stillagen, week Van der Wal uit naar Duitsland. Daar werd ie met Junior zes keer tweede in zes starts. ‘En in Wolvega won ie. Hij sprong niet meer. Eerder had hij niet genoeg kracht.’ Alles bij elkaar werd het voor de Creilenaar een prachtig jaar. ‘Nee, de prijs heb ik nog niet uitgereikt gekregen. Waarschijnlijk gebeurt dat ergens in februari, maar ik weet niet waar en hoe.’

Harry de Ridder