‘Autocross is een onderschatte sport’

Creil - Door een stormachtig debuut in april in de Ford Fiësta Sprint Cup leek autocrossen om de nationale titel verder weg dan ooit voor Jacco van der Wal. Een paar maanden later ziet de racewereld er voor de Creilenaar weer anders uit. Oorzaken: oude liefde roest niet en geld, of beter: het gebrek eraan.

Na jarenlang vergeefse pogingen de Nederlandse titel autocrossen in de divise V (standaard auto’s met voorwielaandrijving) te veroveren, reed Van der Wal een paar maanden geleden zijn eerste race in de Ford Fiësta Sprint Cup. Op het circuit van Zandvoort werd hij meteen eerste bij de junioren en ook in de tweede wedstrijd, op het circuit van Zolder in België, won hij de eerste van de twee races. De Pool Nikodem Wierzbicki gaat aan kop in de Nederlandse Junior Cup, op de voet gevolgd door Van der Wal. ‘De rest van het veld is voor ons niet echt strijdmateriaal.’

Er leek een mooi raceseizoen in het verschiet te liggen, maar zoals vaker in de wereld van de snelle auto’s zorgt gebrek aan geld voor zand in de soepel draaiende machine. Afgelopen weekend stond het derde raceweekend op het programma. Op het circuit van Assen gingen de Ford Fiësta-coureurs met elkaar de strijd aan, maar Jacco van der Wal was er niet bij. Tot vlak voor het weekend hoopte Van der Wal te kunnen racen. ‘Je weet het nooit’, sprak hij donderdagavond nog. Het lukte niet om genoeg sponsors te vinden.

Veel geld

Elk raceweekend vergt zo’n 5000 tot 6000 euro. ‘Dat is veel geld, ja’, zegt Van der Wal. Ook voor het afgelaste raceweekend in Francorchamps wegens de hevige regenval moest hij schuiven. ‘Balen.’ Met meer geld uit sponsorinkomsten zou de Creilenaar om de juniorentitel meestrijden, maar die kans is nu verkeken. ‘De snelheid zat er goed in, dat heb ik wel laten zien. Die Pool is niet echt sneller dan ik. In de vier races, die ik tot nu toe heb gereden, vochten wij het met zijn tweeën uit. Alleen in de laatste race op Zolder werd ik vijfde door problemen met de versnellingsbak.’

Door toeval verzeilde Jacco van der Wal in het autoracen en hij greep meteen de geboden kans. Hij was het autocrossen een beetje moe. De constante technische tegenslagen was hij beu. Hij wilde de auto, een Toyota Celica, al voor een goede prijs verkopen, maar de jongens uit zijn team wilden graag weer de crossbaan op. Met Ruttenaar Toon van Steenoven aan boord als nieuwe motorbouwer kende Van der Wal een vliegende start. In Toldijk won de Creilenaar de eerste van vijf wedstrijden om de nationale titel.

Professioneel

En ja, dat smaakt natuurlijk naar meer. ‘Ik was niet van plan om weer te gaan crossen, maar nu ga ik ook door’, zegt Van der Wal, die al vanaf zijn zestiende strijdt voor een Nederlandse titel. In Gersloot, bij Heerenveen, zijn eind augustus de tweede en derde wedstrijd en half september wordt de strijd om het Nederlandse kampioenschap afgesloten met twee races in Rosmalen. Van der Wal: ‘We stonden er meteen weer. Dan zie je hoe professioneel ons team is.’ Dat team bestaat uit zes monteurs, onder wie bekende mannen uit de poldercrosswereld als Stefan Veldhuis, Luuk Boons en Henrico Evers.

Jacco van der Wal ziet zijn herstart in het autocrossen absoluut niet als een stap terug. ‘Autocrossen is een heel erg onderschatte sport’, vindt hij. ‘Op nationaal niveau is het serious business. Dit is echt geen hobbywerk, geen boerencross. Je moet heel serieus met deze sport bezig zijn om überhaupt aan de start te verschijnen. Ik vind autocrossen net zo competitief als racen.’ Zijn uitgangspositie voor het NK na het eerste crossweekend had nog beter kunnen zijn als de finale op zondag was verreden. Zware regenval verhinderde dat.

Nummer 1

De afgelaste races in Francorchamps worden ingehaald in het weekeinde van 11 en 12 september. Dan staat ook het finaleweekend van het NK autocross gepland. ‘Autocross staat voor mij op nummer 1’, zegt Van der Wal, die Francorchamps dus laat schieten. Dat betekent dat hij de strijd om de titel in de Ford Fiësta Sprint Cup staakt. Als sponsors genoeg geld inbrengen, wil de Creilenaar wel proberen de overige wedstrijden mee te doen. ‘Kan ik nog meer ervaring opdoen en me in de publiciteit rijden.’

Harry de Ridder