Pieter Maas: ‘Meeste wedstrijden leuk om te fluiten’

Emmeloord - Pieter Maas was vorige week na het lezen van een artikel in De Noordoostpolder aangeslagen. ‘Ja, ik vond dat mij onrecht werd aan gedaan.’ Steen des aanstoots: een verslag van de wedstrijd Creil-Bant tegen Delfstrahuizen, dat zich toespitste op het gedrag van spelers en toeschouwers.

Ook de rol van arbiter Maas uit Espel kwam aan bod in het artikel, dat door veel lezers werd opgepikt, wellicht ook door de kop boven het verhaal. De insteek was het verbale geweld langs de lijn en op het veld aan de kaak te stellen, maar Pieter Maas (63) en scheidsrechtersbegeleider Henk Smit gaven een andere invulling aan de strekking van het verhaal. Zij waren van mening, dat de scheidsrechter er slecht vanaf kwam en indirect verantwoordelijk werd gehouden voor het al het gescheld en getier. Wat geenszins het geval is.

Waardering centraal

Juist in de Week van de Scheidsrechter, waarin de waardering voor de tienduizenden scheidsrechters, die in hun vrije tijd amateurwedstrijden leiden, centraal staat, was de eerste competitiewedstrijd van Creil-Bant na de coronaperiode een voorbeeld van hoe het niet hoort. Zonder de inzet van vrijwilligers ligt sportend Nederland op z’n gat, dat weet iedereen. Zonder scheidsrechters en hun assistenten geen voetbal. Maas: ‘Ik had ook kunnen helpen met het rooien van aardappels bij mijn zoon, maar ik ben zó slecht in afbellen.’

Scheidsrechtersbegeleider voor de Noordoostpolder en Urk Henk Smit zegt, dat hij van de tientallen arbiters die hij begeleidt, niet veel klachten krijgt, maar hij heeft wel de indruk dat de agressie in de eerste weken van het nieuwe beker- en competitieseizoen erger is dan voor het coronatijdperk. Smit wijst op het aantal vrijwillige scheidsrechters, dat de laatste jaren in gestaag tempo afneemt. Verbaal geweld en onsportiviteit helpen vanzelfsprekend niet mee het tij te keren. Maas: ‘Als het altijd zo gaat als in Creil, houd ik er meteen mee op.’

Leuke wedstrijden

Gelukkig is dat niet het geval. Directeur amateurvoetbal Jan Dirk van der Zee wijst daar ook op. ‘Er zijn incidenten, maar die worden keihard aangepakt. Het overgrote deel van de wedstrijden verloopt plezierig.’ Pieter Maas, twintig jaar geleden met fluiten begonnen na drie knieoperaties, beaamt dat. ‘Er zitten af en toe rotwedstrijden tussen, maar er zijn veel meer leuke wedstrijden en dan is het lekker fluiten. Daar geniet ik ook enorm van.’ Net als van het doosje chocolaatjes, dat hij voor het begin van de wedstrijd van Delfstrahuizen kreeg. ‘Geweldig!’

De wedstrijd zelf verliep niet zo geweldig, zacht uitgedrukt. De thuisclub zal meer dan tevreden zijn over de uitslag (4-3), voor de rest was het een wedstrijd om snel te vergeten. Dat de scheidsrechter van dienst niet zijn beste wedstrijd floot, geeft Maas grif toe. ‘Ik had eerder gele kaarten moeten trekken en de wedstrijd misschien moeten staken toen het zo rumoerig werd. Scheidsrechters maken fouten, maar die maken spelers ook. Als je hoort hoe ze soms tekeer gaan… Zelf spelen ze op een laag niveau, maar ze verwachten een scheidsrechter van Champions League-niveau.’

Lange afstanden

Pieter Maas is wel wat gewend en geeft aan dat de eerste competitiewedstrijd in de vierde klasse A een uitzondering is. ‘Maar het wordt wel rumoeriger op het veld en er wordt meer geklaagd. Bij sommige clubs is vaker gedoe, vooral bij lagere elftallen.’ Wat Maas graag nog recht wil zetten: hij is zeker niet te oud om te fluiten en kan het spel goed op korte afstand volgen. Een toeschouwer beet hem toe: ‘Je moet meer meelopen, je bent te oud’. Maas: ‘Ik loop vaak lange afstanden, ook halve en hele marathons. Dat doen niet veel spelers mij na.’ Zo is het maar net.

Harry de Ridder