Jan Dunnewind in de leer bij neoprofs

Bant - Hij heeft het geflikt: Bantenaar Jan Dunnewind heeft een profcontract getekend bij Team Novo Nordisk en heeft twee jaar de tijd om te bewijzen dat hij het niveau aankan. ‘Ik wist niet of mijn prestaties goed genoeg waren afgelopen seizoen, maar vanaf 1 januari ben ik profwielrenner.’

Een prachtige beloning voor bijna drie jaar keihard werken. De 23-jarige renner werd in de zomer van 2017 afgewezen voor een plek in de opleidingsploeg van Novo Nordisk, maar vier jaar later mag hij op het een na hoogste niveau bij de professionele wielrenners zijn kunsten vertonen. General manager Vassili Davidenko prijst Dunnewind voor zijn ‘zeer solide seizoen’. De neoprof had zelf dus zijn twijfels, maar eind september kreeg hij het goede nieuws te horen in een Zoom-meeting. ‘Ik was thuis en wist van niks. Ik ben natuurlijk heel blij met mijn profcontract’, aldus Dunnewind.

Talent ID Camp

Net als zijn ploegmaten Robbe Ceurens en Filippo Ridolfo, die ook prof worden, doorliep Dunnewind het hele opleidingstraject van de Amerikaanse wielerploeg, die uit louter diabetici bestaat. In de zomer van 2018 doorstond de Bantenaar een proeve van bekwaamheid in de vorm van een Talent ID Camp. Vanaf dat moment is Jan Dunnewind onderdeel van het wielercircus. Afgelopen seizoen vertoefde hij met de ploeg bijna constant in Italië, nabij het Lago d’Iseo, tussen Bergamo en Brescia. Daar vandaan reed hij naar wedstrijden in Kroatië, Tsjechië, Frankrijk, Italië, Slovenië en Bulgarije.

Het coronavirus dwarsboomde in mindere mate dan vorig jaar het wielerseizoen, maar toch waren er weer perioden waarin weinig of geen koersen waren. Heel vervelend, want zegt Dunnewind: ‘Ik heb altijd een paar wedstrijden nodig om op niveau te komen. Net op de momenten, dat ik dacht: ik ben er, viel het weer stil en was ik terug bij af. Dan slaat de twijfel soms toe.’ Qua resultaten viel het seizoen hem dan ook niet mee. ‘Eerlijk, ik had op meer gehoopt. Ik heb geen topuitslagen gereden. Tweede in een ploegentijdrit in een sterk bezette wedstrijd was de beste uitslag.’

Heuvelachtig

Dat wil absoluut niet zeggen dat het, afgezien van het profcontract dat Jan Dunnewind heeft verdiend, een verloren seizoen was. Het parcours in de wedstrijden, die hij heeft gereden, lag hem veelal niet (‘Vaak vlak, terwijl ik beter ben op een heuvelachtig parcours’), waardoor de polderbewoner zich niet in de strijd om de ereplaatsen kon mengen. Voordeel daarvan was, dat hij in dienst kon rijden van zijn ploegmaten. ‘Je kan meesprinten en 35e worden, maar ik kan ook proberen anderen goed af te zetten in de laatste kilometers. Dan doe ik dan liever.’

Zo droeg de neoprof uit de Noordoostpolder bij aan enkele toptienklasseringen van mederenners. ‘Ik ben er geen kei in, maar ik heb wel een neusje voor het goede moment’, zegt hij. ‘We hebben geen ploeg, die onafgebroken tien kilometer op kop kan sleuren, dus moet je zo weinig mogelijk krachten verspelen en het goede moment kiezen.’ Dunnewind heeft in de afgelopen drie jaar ontzettend veel geleerd. ‘Ik weet hoe ik de diabetes onder controle moet houden, wat ik in de koers moet doen en wat er allemaal bij komt kijken. Ik ben klaar om de stap hogerop te maken.’

Absolute top

Dunnewind is zich ervan bewust, dat hij een paar tandjes moet bijschakelen om mee te kunnen op het niveau van de pro-continentale wedstrijden. Dat is maar één niveau onder de absolute top, de UCI World Tour, waar onder andere Mathieu van der Poel, Julian Alaphilippe en Tadej Pogačar triomfen vieren. Het grootste verschil met de afgelopen seizoenen? ‘Het zal er nog professioneler aan toegaan. Ik trainde tot nu toe zo’n 20 uur per week, dat wordt straks 25 uur. Het wordt echt een leerjaar, in de kleinere wedstrijden. Goed opletten en werken voor ervaren jongens. Daar leer je van.’

Ook wil de bescheiden Bantenaar zich verder ontwikkelen als klimmer. ‘Ik ben van de steile klimmen, steiler dan zes procent. Ik ben nog geen pure klimmer, daarvoor mis ik nog kracht. Ik hoop echt die kant op te gaan.’ Gelukkig krijgt hij twee jaar de tijd om zich te bewijzen. ‘Ik ga meer verdienen, dat geld kan ik in mezelf investeren, voor bijvoorbeeld trainingskampen of een diëtist.’ Eind januari is de eerste wedstrijd, de Ronde van Antalya, zoals het er nu naar uitziet. ‘Ik wil proberen komend seizoen ons shirt te laten zien, mee te gaan in een ontsnapping. Dat zou mooi zijn.’

Harry de Ridder