Saamhorigheid is groot bij team Urker ambulance

Urk - De Urker First Responder Ambulance (FRS) draait volledig op vrijwilligers. Die er allemaal een baan en gezin naast hebben.

‘Je gezin en werkgever moeten erachter staan, want zodra de pieper gaat moet je alles uit je handen laten vallen en naar de ambulance’, zegt teamleider Teunis Verheij vanuit de ambulancepost aan de Vlaak.

Erepenning

De vrijwilligers van de FRS kregen begin dit jaar de Erepenning uit handen van burgemeester Pieter van Maaren, omdat de stichting al 20 jaar levensreddende handelingen verricht. Zodra er een 112-melding komt waar de reguliere GGD-ambulance voor rijdt, gaat ook de FRS naar de locatie. ‘Wij vinden de standaard aanrijtijd van 15 minuten te lang en hebben daarom een eigen ambulance die binnen 6 minuten ter plaatse is.’ Vrijwilliger Jan vult aan: ‘Als de meldkamer al zenuwachtig overkomt, dan kun je je borst nat maken.’

Nauwe samenwerking

De stichting werkt nauw samen met de GGD-ambulance, maar is wel extra. ‘We zijn geen vervanging’, legt Verheij uit. ‘We zijn soms sneller ter plaatse en beginnen dan al met de hulp. Dat kan levens redden.’

De vijftien vrijwilligers draaien iedere week 24 tot 48 uur mee op de ambulancepost. Ze hebben een EHBO-diploma en volgen een interne opleiding. Daar leren ze bijvoorbeeld te werken volgens het Landelijke Protocol Ambulance, het medisch assisteren van de huisarts en het ambulancepersoneel.

Volledig ingerichte ambulance

De FRS werkt met een volledig ingerichte ambulance, met precies dezelfde spullen als het personeel van de GGD en daardoor kan materiaal eenvoudig worden uitgewisseld. Teunis: ‘Dat bevordert de samenwerking en als het moet maken we een patiënt geheel vervoer klaar voordat de ambulance van de GGD er is.’

Teunis heeft geen achtergrond in de zorg. ‘Ik werk in de koeltechniek en het mooie is dat ik van mijn werkgever de ruimte krijg om dit te kunnen doen. Zodra die pieper gaat, kan ik weg.’ Het team van vrijwilligers heeft een diverse achtergrond. Jan is bijvoorbeeld visverkoper, Marjan werkt in een winkel, Ludy en Herma in de zorg. ‘Je moet er wel tegen kunnen dat de pieper elk moment kan gaan, als je dienst hebt. Niet iedereen kan dat.’

Koken met timer

Herma: ‘Ik kook bijvoorbeeld altijd met de timer. Als ik dan word opgeroepen, kan mijn gezin het zo overnemen. Als ik boodschappen doe, parkeer ik mijn auto zo dat ik makkelijk weg kan.’ Marjan lachend: ‘Mijn kinderen willen niet meer mee naar de winkel als ik dienst heb.’ De anderen schieten ook in de lach. De sfeer is goed. De saamhorigheid groot. Voor elkaar zorgen, dat zit diepgeworteld in de Urker cultuur. Herma: ‘Ik vind het fijn dat ik op deze manier iets voor de samenleving terug kan doen.’

Donna Oevering