Opwarming in ons land gaat nog steeds door

HEERENVEEN -  Hoewel dit jaar tot dusver een volstrekt gemiddelde temperatuur heeft opgeleverd in het midden van het land, heeft MeteoGroup berekend dat de opwarming in ons land nog steeds doorzet.

Ook in een langzaam opwarmend klimaat, zorgen de gillen in het weer ervoor dat warme, maar ook koude perioden elkaar blijven afwisselen. Alleen deze eeuw al, bedraagt het verschil tussen het koudste en het warmste jaar, 2,5 graden. Een opwarming betekent dus niet dat het ‘alleen maar’ warmer is dan de norm. De huidige ‘normaal periode’. Volgens afspraak vergelijken we de opgetreden temperaturen sinds 2011 met de 30-jarige periode 1981-2010. Vanaf 2021 gaan we met de periode 1991-2020 vergelijken. Daar zitten we nu precies halverwege tussenin. Winter en lente verder opgewarmd. Kijken we naar de gemiddelde temperatuur gedurende de drie wintermaanden, dan heeft MeteoGroup berekend dat deze maanden in heel het land zeer gelijkmatig met 0,3 graden zijn opgewarmd, als we de laatste dertig jaar (1986-2015) vergelijken met de huidig geldende ‘normaal periode’. Ook de drie lentemaanden zijn warmer geworden. Hoewel april na 1960 met al méér dan een volle graad is opgewarmd, is het opvallend dat juist in die maand de verdere temperatuurstijging met 0,2 tot 0,4 graden, nog groter is dan in maart en mei, die een opwarming van 0,1 of 0,2 graden laten zien. Later dit jaar zullen we zien of de opwarmende trend ook in de zomer en herfst verder doorzet. Meer over dit onderwerp kan men  lezen op www.weer.nl, onder het kopje ‘weernieuws’.