Emmeloorder hoort voor geweldsmisdrijven celstraf eisen

EMMELOORD - 'Ik kon geen kant op. Ik moest ons verdedigen.'

Een 21-jarige voormalig Emmeloorder hield voor de rechtbank in Lelystad vol dat hij niet anders kon dan op 29 mei in Emmeloord zijn mes trekken. Mede hiervoor hoorde hij een celstraf van achttien maanden tegen zich eisen. De verdachte zei dat hij en een vriend in gevecht raakten met drie Polen. De verdachte voelde zich naar eigen zeggen zo bedreigd, dat hij zijn mes pakte. De vriend van de verdachte zei bij de politie dat hij nog voorstelde om weg te gaan. 'Maar dit wilde hij niet. Hij zou zijn mes pakken.' En zo kwam het dat hij een van de Polen in zijn been stak. 'Ik wilde net weglopen, toen hij tegen het mes aantrapte', verklaarde de man op zitting. Volgens het slachtoffer deed de man dit met opzet. 'Hij pakte mijn been vast en stak het mes erin.' Op 18 juni kreeg de verdachte wederom ruzie, ditmaal met een Emmeloorder. De Emmeloorder schold de verdachte uit, waarop deze op zijn plaaggeest afstapte. 'Hij greep me vast, dus ik ben om me heen gaan maaien', verklaarde de verdachte op zitting. Maar volgens getuigen was het de verdachte die als eerste een stoot uitdeelde. Het slachtoffer zakte kort daarna in elkaar. 'Ik ben toen weggelopen', verklaarde de voormalige Emmeloorder, maar omstanders zagen dat hij en een vrouw het slachtoffer tegen zijn hoofd trapten. Achttien maanden cel, waarvan tien maanden voorwaardelijk met als bijzondere voorwaarden reclasseringstoezicht en een klinische behandeling. Dat eiste de officier van justitie voor alle feiten. Hij vond niet dat er sprake was van noodweer en eiste tevens dat de man 800 euro schadevergoeding betaalt aan de slachtoffers. 'U trok een mes, al voor het gevecht begon.' Er hing de verdachte bovendien nog 43 dagen cel boven het hoofd voor een soortgelijk feit. De officier vroeg ook om oplegging van deze straf. De rechtbank doet uitspraak op 13 december.