Met dank aan Oma rijdt Johan Tijssen in het rood-wit-blauw

Marknesse - Eigenlijk stond de verjaardag van oma op de kalender. Maar Johan Tijssen liet zich overhalen om op Texel mee te doen aan het NK tijdrijden voor amateurs. En nu fietst hij, tot zijn eigen verbazing, een jaar lang in het rood-wit-blauw omdat hij kampioen werd.

Met dank aan oma dus, die kampioenstrui. "Oma vond het niet erg dat ik niet op haar verjaardag kwam. 'Doe maar jongen, rijden!' zei ze", lacht de 34-jarige Johan Tijssen. Rijden, dat kan hij. Wie in zijn derde tijdrit ooit, op een ouder model fiets en met geleende wielen, de concurrentie aan gort rijdt moet wel iets in zijn mars hebben. "Het klinkt als een jongensboek, maar dan voor iemand van 34."

Elite?

Tijssen heeft wel een wielerlicentie, maar mengt zich (nog) niet tussen de elite-rijders. De paar wedstrijden die hij nu in de H3-klasse heeft gereden wijzen uit dat de overstap naar de hoogste categorie, H7, een logische zal zijn. Zijn vorige tijdrit in Makkum leverde een tweede plaats op, slechts 4 seconden achter gekend hardrijder Remco Grasman, die vorig jaar nationaal kampioen werd bij de elite. Dat deed hij zonder contract. Grasman is een clubgenoot van hem bij FTC Marknesse, de wielervereniging in de polder die zich intussen behoorlijk weet te onderscheiden als het om tijdrijden gaat. Met dank aan grondlegger Cees Tuytel, ex-atleet Grasman en Tijssen dus, die met een fitness- en voetbalverleden in feite zomaar uit de lucht komt vallen. "Want ik ging pas op mijn 28e of 29e fietsen in mijn eentje, op een gewonde racefiets. Later sloot mijn zwager Jan aan en weer later Theo Knobbe, toen ging het steeds harder."

Eindeloos stuk

Knobbe zette hem op het tijdritpad. Bij FTC Marknesse viel Tijssen een paar maanden geleden op toen hij tijdens een training eindeloos tegen de wind in bleef doorstoempen op kop. 'Die moeten we als kopman hebben voor het NCK (het clubkampioenschap wielrennen, zaterdag 26 september 2015 in Dronten)' was de gedachte. Tijssen vroeg een licentie aan en werd in Nijeveen meteen derde in zijn eerste wedstrijd. "Dat smaakte naar meer. Gelukkig gunnen de mensen in de tijdritwereld elkaar veel, voor een mooie prijs kon ik een fiets overnemen en een snel pak. Ik ben binnengekomen als een groentje, kan alleen hard fietsen. Zo trainde ik ook altijd; gewoon zo hard mogelijk trappen. Gelukkig heb ik goede mensen als Marco Bos om me heen en ik luister naar adviezen. Als je bedenkt dat ik nog maar een paar maanden bezig ben, moet ik volgens mij nog een stuk harder kunnen." Misschien legde Tijssen de basis onbewust toch in zijn jeugd, toen hij als scholier dagelijks de 18 kilometer tussen thuis in Nieuw Lekkerland en school in Rotterdam per fiets aflegde. "In weer en wind." FTC Marknesse heeft hem voor het NCK dus tot kopman betiteld. Klinkt eervol, maar Tijssen weet precies wat zijn rol dan is: "Die rotstukken tegen de wind in moet ik op kop, haha."