Forse daling aantal vissen in Kadoelermeer

Vollenhove - De hoeveelheid vis is in het Vollenhover en Kadoelermeer is ernstig afgenomen; de visbiomassa in 2015 is 25 kg vis per hectare en in 2010 was dat nog 74 kg vis per hectare.

In de meren zijn bij het onderzoek in juni dit jaar  22 verschillende vissoorten aangetroffen, blijkt uit onderzoek van Waterschap Zuiderzeeland. De bittervoorn, houting en pontische stroomgrondel werden voor het eerst aangetroffen in dit water. De meest voorkomende waren de baars, blankvoorn, zwartbekgrondel en paling. De hoeveelheid vis is ten aanzien van 2010 afgenomen, dit heeft waarschijnlijk te maken met het helder wordende water. Waterschap Zuiderzeeland monitort de visstand in Flevoland in het kader Europees beleid, de Kaderrichtlijn Water. De visstand in het gebied is een belangrijke graadmeter voor de waterkwaliteit.    
De aangetroffen vissoorten zijn: alver, baars, bittervoorn, brasem, blankvoorn, houting, hybride, kolblei, kleine modderkruiper, kwabaal, marmergrondel, paling, pontische stroomgrondel, pos, roofblei, ruisvoorn, snoek, snoekbaars, spiering, winde, zeelt en zwartbekgrondel (22 soorten).  Bij de paling viel op dat er relatief veel jonge exemplaren aanwezig waren.  Qua soortensamenstelling komt de visstand redelijk overeen met 2010. Soorten die in 2010 wel zijn gevangen en in 2015 niet zijn de karper en de rivierdonderpad. Bij de karper is dit te verklaren doordat deze vissoort in kleine aantallen voorkomt, waardoor toeval een grote rol speelt bij het wel of niet vangen van deze vissoort. De rivierdonderpad is mogelijk (grotendeels) verdwenen door de opkomst van de zwartbekgrondel. Deze vissoort is zeer sterk toegenomen en is vooral tussen de stortsteenoevers dominant. Soorten die in 2015 ‘nieuw’ waren zijn de bittervoorn, houting en pontische stroomgrondel.