Profytodsd: leren van en met de landbouwdrone

Creil - Profytodsd heeft in het voorjaar van 2018 een drone aangeschaft. Het bedrijf gaat mee met de tijd en leert veel van deze fraaie techniek, waarmee onder andere taakkaarten kunnen worden gemaakt. We gaan in gesprek met adviseurs Sander Ballast en Theo van der Wal. Na een opleiding om met de drone te mogen vliegen, werd de praktijk opgezocht.

We stellen vier vragen centraal. 

Waarom is de drone aangeschaft?

‘Als doel hadden we gesteld om ervan te leren’, vertelt adviseur Sander Ballast. ‘Wat kunnen we eigenlijk doen met deze techniek? Wij willen zelf ervaring opdoen met de drone. Wij willen de ervaring en de resultaten mee kunnen nemen in onze advisering richting onze klanten. De beelden die we met de drone maken kunnen we eventueel koppelen aan bemesting of een advies voor een gewasbeschermingsmiddel. We willen het drone-gebruik in de breedste zin toe kunnen passen.’

Collega Van der Wal: ‘We krijgen er zelf gevoel mee, dus we weten waar we over spreken. Als een boer hier mogelijk zelf mee aan de slag gaat, dan kennen wij de techniek al.’

Dankzij het gebruik van de drone komen de adviseurs van Profytodsd vaker in contact met de klant. Ballast: ‘Je hebt direct weer een gespreksmoment. Wat is de klant opgevallen, waarom wil diegene dat ermee gevlogen wordt? Je haalt de achterliggende gedachte naar voren. Je kent het ‘waarom’. Sommigen zien het als heel verre toekomst, maar er zijn nu ook mensen die heel geïnteresseerd zijn. Samen kunnen we verder komen.’

Wat hebben jullie in het eerste jaar geleerd?

Ballast: ‘Veel, maar we moeten nog veel ervaren en leren. We hebben bijvoorbeeld in de tarwe een proef gedaan met de drone. Daar hebben we taakkaarten gemaakt. Die kaarten zijn vervolgens ingeladen in de veldspuit en daardoor kan de dosering van gewasbeschermingsmiddelen – of in andere gevallen kunstmest - precies verlopen zoals aangegeven op de taakkaarten.’ Van der Wal: ‘Deze specifieke proef was hoofdzakelijk bedoeld om de techniek te testen. We hebben aangetoond dat het werkt. Nu is het echt finetunen om er echt geld mee te verdienen, ook om het rendabel te maken voor de teler. Je leert veel, maar in rendement is het nog lastig uit te drukken.’

Dankzij het vliegen met de drone wordt er ontzettend veel data verzameld. De adviseurs van Profytodsd leren na iedere vlucht bij. Hoe zet je die data concreet om in een advies voor de klant? ‘Stel we gaan dit meer gebruiken, dan kunnen we eerder verandering in een gewas zien. Als je vaak gaat vliegen, kun je dingen zien die je anders wellicht niet ziet, want je loopt niet iedere dag een rondje door je perceel heen. Je kunt eerder schakelen’, zegt Sander Ballast. Op het gebied van bemesting worden bedrijven steeds verder ‘geknepen’ door regelgeving. ‘Uiteindelijk willen we kunstmest daar brengen waar nodig. Daar kan de drone, maar ook een satelliet een rol in spelen.’ Van der Wal: ‘Die twee vullen elkaar goed aan. Met satelliet kun je heel veel beelden maken, waardoor je het verloop van een groeiend gewas in kaart kunt brengen.’

Wat brengt de toekomst?

‘De combinatie drone met satelliet’, verwacht Ballast. ‘Die gaat groter worden. Het is nu nog moeilijk om de techniek rendabel te maken. Je hebt bedrijven die niet anders doen dan vliegen met de drone. Voor die bedrijven is er wel geld mee te verdienen. Maar voor de teler zelf, dan wordt het lastig om het winstgevend te maken. Niet iedereen heeft de toepassing om er wat mee te doen. Dat komt overigens wel meer.’ Van der Wal: ‘De techniek om het toe te passen is nog heel duur. Dat ga je nu nog niet terugverdienen met de meeropbrengst die je behaalt door bijvoorbeeld plaatsspecifiek kunstmest toe te passen.’

‘Door de drone zijn we flexibel. Eerst vliegen, dan de kaart. Je weet daardoor straks hoeveel kunstmest of spuitvloeistof er variabel nodig is. Als je dat variabel in het veld gaat doen, weet je nooit waar je uitkomt. Dan is de spuit leeg terwijl je nog een bunder moet. Met een drone weet je wel precies wat er waar gespoten moet worden.’ Van der Wal: ‘Als je het hebt over efficiëntie van middelen, dan zal het zo moeten gebeuren.’

Wat kunnen jullie na een jaar concluderen?

‘Het is een echte leerfase. We hebben heel veel gevlogen, zo’n 300 hectare, boven zo’n beetje alle mogelijke gewassen. Het staat allemaal nog in de kinderschoenen, maar het vliegen met de drone in de landbouw komt wel steeds meer naar voren.’

Alexander Drost