Flevoland moet tot en met 2030 bijna 40.000 woningen bouwen

Tot en met 2030 moet Flevoland 39.193 woningen bouwen. Foto: Mediahuis Noord / Gerrit Wijnne

Alle twaalf provincies hebben donderdag 13 oktober met minister Hugo de Jonge van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening provinciale woningbouwafspraken gemaakt. Per provincie is vastgelegd hoeveel nieuwe woningen er worden opgeleverd. Tot en met 2030 moet Flevoland 39.193 woningen bouwen.

De afspraken tellen op tot ruim 900.000 nieuwe woningen voor de periode tot en met 2030. Twee op de drie nieuwe huizen vallen in de categorie betaalbaar. Met de provinciale woningbouwafspraken omarmen de provincies de bouw-ambities van het kabinet, die ook zijn vastgelegd in het Programma Woningbouw.

Eerste stap in verdere ontwikkeling

Gedeputeerde Jan de Reus onderstreept het belang van de gemaakte afspraken. ‘Flevoland heeft met het Rijk afgesproken dat we 40.000 woningen gaan bouwen tot en met 2030. Ik ben er van overtuigd dat wij dat aantal gaan waarmaken en zie dit als een eerste stap in de verdere ontwikkeling van Flevoland. Naast de woondeal maken we afspraken met Den Haag over de randvoorwaarden die nodig zijn zodat we ook na 2030 kunnen blijven groeien om daarmee de landelijke woningnood verder terug te dringen. En dan gaat het over werkgelegenheid, voorzieningen en mobiliteit en infrastructuur.’

Regionale woondeals

De bestuurlijke afspraken worden vanaf december 2022 omgezet in regionale woondeals. In deze regionale woondeals wordt bijvoorbeeld vastgelegd welke locaties in samenwerking met corporaties en marktpartijen ontwikkeld worden, wat het aandeel betaalbare woningbouw is en voor welke groepen wordt gebouwd.

Daarvoor worden er eind november in het bestuurlijk overleg MIRT besluiten genomen over de toekenning van financiële middelen uit het Mobiliteitsfonds voor de ontsluiting van woningbouwlocaties om daarmee versnelling van de woningbouw te realiseren. Ook worden dan bestuurlijke afspraken gemaakt over de besteding van middelen voor de ontsluiting van de grootschalige woningbouwgebieden. Begin december volgt het besluit over de toekenning van de vierde tranche van de woningbouwimpuls.

Snelle bouw van meer woningen

Voor het versnellen van woningbouwprojecten is 1,5 miljard euro beschikbaar. Naast deze versnellingsafspraken investeert het kabinet in 17 grootschalige woningbouwgebieden op het gebied van infrastructuur. Daarvoor is 6 miljard euro beschikbaar. Ook is er de Woningbouwimpuls (1,25 miljard euro) om goede projecten vlot te trekken. Verder is er 380 miljoen euro extra beschikbaar voor de versnelling van tijdelijke huisvesting. In totaal betreft het bijna 11 miljard euro voor de snelle bouw van meer woningen. Door het afschaffen van de verhuurderheffing per 1 januari 2023 komt er bij corporaties jaarlijks circa 1,7 miljard euro vrij. Dit heeft geleid tot gezamenlijke afspraken waarbij woningcorporaties meer dan 60 miljard in nieuwbouw investeren.

Nieuws

menu