Rolstoeltennis is een sport zonder beperking

Vrijdagavond rolstoeltennisavond: Elgon van der Heide in actie in de tennishal. Foto: Regina Kappert

Ze openen en sluiten het bal op vrijdagavond. Eerst sporten en daarna gezellig wat ouwehoeren en drinken aan hun stamtafel in de tennishal: de groep rolstoeltennissers lust er wel pap van. ‘Zelfs een geblesseerde sluit voor de fun vaak aan bij de stamtafel’, zegt Elgon van der Heide, groepslid van het eerste uur.

Week in, week uit, het hele jaar door, is de groep, of in ieder geval een deel ervan, te vinden in de hal aan de Pilotenweg. Het is een gemêleerd gezelschap wat niveau, leeftijd en beperking betreft. Elgon van der Heide (49) uit Marknesse is vaak van de partij. Hij zit dertien jaar in een rolstoel. Bij hem ging het mis bij een rugoperatie. ‘Het ruggenmerg is beschadigd, met een partiële dwarslaesie als gevolg.’ In een vorig leven was de rolstoeltennisser timmerman. ‘Sommige groepsleden konden de knop snel omzetten. Ik heb er jaren over gedaan voor ik zover was. Ik kon er moeilijk mee dealen.’

Tijdens zijn revalidatie in Zwolle kwam Van der Heide in aanraking met rolstoeltennis. Jan Hoogland zorgde er bijna twintig jaar geleden voor, dat rolstoeltennissers bij hem in de hal terecht konden. ‘Wie denkt dat je niet kunt sporten, omdat je in een rolstoel zit, heeft het mis. Ook in een rolstoel kun je prima tennissen’, aldus Jan Hofland, die blij is met de hulp van vrijwilliger René Semper. ‘Anderhalf uur lesgeven op twee banen aan sporters met zo’n verschillend niveau is in je eentje niet te doen.’ In de zomermaanden wordt niet getraind, maar tennist de groep wel op eigen houtje in de hal.

Niveau maakt niet uit

Er is geen drempel om niet aan rolstoeltennis te doen. ‘Welk niveau je hebt, maakt niet uit. Iedereen kan aansluiten bij de groep’, aldus Elgon van der Heide. ‘De training wordt aangepast aan je niveau.’ Zo is een meisje lid van de groep, dat wel goed kan rijden, maar tennissen nog moet leren. En dan is daar Maaike Smit, olympisch kampioen rolstoeltennis in Atlanta, 1996. Daarna veroverde ze nog twee keer olympisch goud in het dubbelspel. Een grote bron van inspiratie. Net als Niels Meurs, halfzijdig verlamd, maar toch vrijdagsavonds van de partij om lekker te trainen.

Enige uitdaging: rolstoeltennis is geen echt goedkope sport. Om niemand te hoeven uitsluiten, heeft het kwartet Elgon van der Heide, Maaike Smit, Jos Bloo en Niels Meurs jaren geleden een stichting in het leven geroepen. ‘Er zijn altijd mensen, die buiten ‘de potjes van de gemeente’ vallen’, zegt Van der Heide. ‘Via onze stichting kunnen zij een tegemoetkoming krijgen.’ En voor degenen, die de kat uit de boom willen kijken, zijn rolstoelen en rackets beschikbaar. Dat kost niets. Ook via de WMO, de Wet maatschappelijke ondersteuning, zijn er mogelijkheden om hulpmiddelen aan te schaffen.

Toernooi organiseren

De stichting genereert inkomsten via onder meer de gemeente, Carrefour en enkele bedrijven. Een wat uitgebreidere groep sponsors zou zeer welkom zijn, ook om een groot toernooi in eigen huis te kunnen organiseren. ‘Dat kost veel geld’, weet Van der Heide, ‘maar we willen het heel graag. Lijkt ons heel leuk, maar ja, het wordt niet gemakkelijk. We hebben meer sponsors nodig.’ Jan Hofland is optimistisch. ‘Ik denk, dat rolstoeltennissers de gunfactor hebben.’ Elgon van der Heide is in ieder geval verzekerd van een toernooi. Hij doet mee aan een driedaags toernooi in Raalte.

De basis is en blijft de vrijdagse trainingsavond. Van zes tot half acht zijn de eerste twee banen het domein van de rolstoeltennissers, ook in de zomer. ‘Alleen als het kurkdroog is, kun je buiten spelen, maar dan nog is het heel zwaar’, aldus Van der Heide. Ook al zijn de rolstoelen in de loop der jaren een stuk stabieler, wendbaarder en sneller geworden, rolstoeltennis is niet gemakkelijk. Ja, de bal mag twee keer stuiteren, maar, zegt de Marknessenaar: ‘Stilstaan is niet goed. Het kost veel moeite op gang te komen, dus je moet continu de stoel in beweging houden.’

Ook jeugd welkom

Om dat, en nog veel meer, aan te leren zijn Jan Hofland en René Semper wekelijks anderhalf uur in touw. Met groot plezier. Er is nog ruimte genoeg voor nieuwe leden. ‘Ook jeugd is welkom. Maken we gewoon een aparte groep van’, zegt Jan Hofland. Na de training is het tijd voor een hapje en een drankje, elke week zelfde tijd, zelfde plaats. En ze blijven lang hangen, die rolstoeltennissers. ‘Klopt, dat deel duurt langer dan de training’, beaamt Elgon van der Heide.

Voor informatie: Elgon van der Heide, 06-46004147 of 0527-202913; e-mail org54@hotmail.com.

Nieuws

menu